Artikel 3.111, vijfde lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 (hierna: Wet IB 2001) bevat een regeling waardoor de eigenwoningregeling gedurende een periode van maximaal twee jaar (24 maanden) van toepassing blijft voor de belastingplichtige die vanwege medische redenen of ouderdom is opgenomen in een verpleeg- of verzorgingshuis (hierna: zorginstelling). In de praktijk komt het regelmatig voor dat er tijdens de opname in de zorginstelling een ander in de woning van de belastingplichtige verblijft.
De economische verschillen tussen huishoudens nemen toe. Het belastingstelsel dempt deze ontwikkeling niet en draagt soms zelfs bij aan de groeiende verschillen. Dat komt onder meer doordat verschillende vormen van inkomen en vermogen anders worden belast, belastingheffing soms langdurig kan worden uitgesteld en er veel ondoelmatige fiscale regelingen zijn. Aanpassingen van het belastingstelsel kunnen bijdragen aan het beperken van verdere groei van economische verschillen en economische verstoringen en zo de welvaart bevorderen.
In april werden via het HDN Platform 40.692 hypotheek aanvragen verstuurd. Dat is 11% minder dan een jaar eerder, toen het aantal aanvragen uitkwam op 45.017. De afname hangt samen met de gestegen rente, die zowel kopers als niet-kopers terughoudender maakt. Dit blijkt uit de cijfers van HDN (Hypotheken Data Netwerk).
Het verbod op contante betalingen vanaf € 3.000 voor goederen was al geregeld in de Wet plan van aanpak witwassen en geldt sinds 1 januari 2026. In het Staatsblad is nu het bijbehorende wijzigingsbesluit gepubliceerd waarmee ook de boetecategorie voor overtreding van dit verbod wordt vastgelegd. Het besluit is op 29 april 2026 gepubliceerd en treedt in werking op de dag na publicatie.
Erfenissen drijven families steeds vaker uit elkaar. Volgens rechter Cora van Steenderen-Koornneef gaat dat zelden alleen maar over geld. Ze ziet dat het aantal complexe erfrechtzaken de laatste jaren toeneemt.
Ongeveer 800.000 Nederlandse huishoudens hebben voldoende financiële middelen om te beleggen, maar doen dit niet - terwijl zij op de lange termijn mogelijk geld tekortkomen. Voor deze groep kan het raadzaam zijn om het beschikbare vermogen meer te laten renderen, zodat zij hun toekomstige financiële positie kunnen versterken. De AFM zet zich ervoor in om de drempels voor consumenten die willen beginnen met beleggen te verlagen.
De Belastingdienst heeft een nieuw kennisgroepstandpunt gepubliceerd over de vraag hoe erfgenamen in box 3 moeten omgaan met een legitieme portie die op de peildatum (1 januari) nog niet is opgeëist door de legitimaris. Het gaat om standpunt KG:202:2026:4 (publicatiedatum 30 april 2026).
Aedes: Vereniging van woningcorporaties heeft na de model huurvoorwaarden nu ook alle model huurovereenkomsten omgezet naar begrijpelijke taal. De teksten zijn zoveel mogelijk geschreven vanuit de invalshoek van de huurder. Hoe krijgt hij of zij in de tijd te maken met de verhurende corporatie en het gehuurde huis? En wat moet hij of zij daar dan over weten? Corporaties kunnen onderdelen van het model aanpassen en afstemmen op het eigen beleid en de lokale situatie.
Een VvE liet in 2015 een voortaxatie (herbouwwaarde) uitvoeren om een opstal-/brandverzekering af te sluiten. De taxateur kwam uit op € 5.350.000 (o.b.v. ca. 9.500 m³), waarna de VvE het gebouw op dat bedrag bij Interpolis verzekerde. Na een grote brand bleek de werkelijke (getaxeerde) waarde aanzienlijk hoger (€ 7.568.961,40). Het gevolg: onderverzekering en dus een lagere uitkering. De VvE verhaalde het verschil op de taxateur (die destijds een factuur opstelde van: € 375). Het hof moest o.a. beslissen: is sprake van een beroepsfout met causaal verband en moet/kan de schadevergoeding worden gematigd?
Bankhelpdeskfraude is inmiddels een bekende fraudevorm: een oplichter doet zich voor als bankmedewerker en manipuleert de klant om “veiligheidsstappen” te zetten, waardoor de fraudeur juist toegang krijgt en geld wegsluist. De kernvraag in deze uitspraak: wanneer is het gedrag van het slachtoffer zó verwijtbaar dat sprake is van ‘grove nalatigheid’ (art. 7:529 BW), waardoor de bank niet (volledig) hoeft terug te betalen?
Deze uitspraak is extra relevant omdat de Commissie van Beroep expliciet aangeeft hiermee terug te komen van een eerdere lijn (o.a. uitspraak 2025-0012).
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg toegang tot de Kennisbank, Rekenmodellen en Helpdesk.