De Belastingdienst heeft een nieuw kennisgroepstandpunt gepubliceerd over de vraag hoe erfgenamen in box 3 moeten omgaan met een legitieme portie die op de peildatum (1 januari) nog niet is opgeëist door de legitimaris. Het gaat om standpunt KG:202:2026:4 (publicatiedatum 30 april 2026).
Aedes: Vereniging van woningcorporaties heeft na de model huurvoorwaarden nu ook alle model huurovereenkomsten omgezet naar begrijpelijke taal. De teksten zijn zoveel mogelijk geschreven vanuit de invalshoek van de huurder. Hoe krijgt hij of zij in de tijd te maken met de verhurende corporatie en het gehuurde huis? En wat moet hij of zij daar dan over weten? Corporaties kunnen onderdelen van het model aanpassen en afstemmen op het eigen beleid en de lokale situatie.
Een VvE liet in 2015 een voortaxatie (herbouwwaarde) uitvoeren om een opstal-/brandverzekering af te sluiten. De taxateur kwam uit op € 5.350.000 (o.b.v. ca. 9.500 m³), waarna de VvE het gebouw op dat bedrag bij Interpolis verzekerde. Na een grote brand bleek de werkelijke (getaxeerde) waarde aanzienlijk hoger (€ 7.568.961,40). Het gevolg: onderverzekering en dus een lagere uitkering. De VvE verhaalde het verschil op de taxateur (die destijds een factuur opstelde van: € 375). Het hof moest o.a. beslissen: is sprake van een beroepsfout met causaal verband en moet/kan de schadevergoeding worden gematigd?
Bankhelpdeskfraude is inmiddels een bekende fraudevorm: een oplichter doet zich voor als bankmedewerker en manipuleert de klant om “veiligheidsstappen” te zetten, waardoor de fraudeur juist toegang krijgt en geld wegsluist. De kernvraag in deze uitspraak: wanneer is het gedrag van het slachtoffer zó verwijtbaar dat sprake is van ‘grove nalatigheid’ (art. 7:529 BW), waardoor de bank niet (volledig) hoeft terug te betalen?
Deze uitspraak is extra relevant omdat de Commissie van Beroep expliciet aangeeft hiermee terug te komen van een eerdere lijn (o.a. uitspraak 2025-0012).
De Tweede Kamer heeft op 21 april 2026 het wetsvoorstel 36.783 aangenomen: de Wet invoering rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van een uurtarief. Het voorstel ligt nu bij de Eerste Kamer.
De nieuwe Wet werkelijk rendement box 3 moet vanaf 2028 het forfait definitief vervangen. Maar juist het aanwasdeel (belasting over ongerealiseerde waardestijgingen) blijft politiek en juridisch het heetst: wanneer wordt belastingheffing zónder kasstroom een “individuele en buitensporige last” onder het EVRM? Kamervragen van Hoogeveen (JA21) en de Nota naar aanleiding van het tweede verslag geven een inkijk in waar de pijn zit – én waar het kabinet denkt te kunnen bijsturen.
Volgens Kamerstuk 36 748 van 27 april 2026 (Nota n.a.v. het tweede verslag) en Kamerbrief/Q&A 2026Z05634 van 20 maart 2026 wordt de discussie over de Wet werkelijk rendement box 3 (WWR) steeds meer gedomineerd door twee praktische vragen:
(1) liquiditeit bij belasting over “papieren” waardestijgingen en
(2) de juridische grens van de “individuele en buitensporige last” (art. 1 EP EVRM).
De Nederlandsche Bank (DNB) heeft besloten de minimumvloer voor de risicoweging van Nederlandse hypothecaire leningen van banken niet opnieuw te verlengen. Het gaat om de zogeheten ‘458-maatregel’ (artikel 458 CRR), vastgelegd in de Regeling risicoweging hypothecaire leningen 2022. De regeling is ingevoerd in januari 2022 en loopt nog door tot en met 30 november 2026.
Vanaf 29 mei 2026 heeft het energielabel een nieuw ontwerp en bevat het meer informatie over de energieprestatie van een woning of gebouw. Via iconen en pictogrammen krijgen woningeigenaren, gebouweigenaren en (ver)huurders meer inzicht in wat zij nu kunnen doen om de woning of het gebouw energiezuiniger te maken. Dit nieuwe energielabel geldt voor labels die vanaf 29 mei 2026 worden geregistreerd. Energielabels die al eerder zijn afgegeven blijven geldig en worden niet aangepast. Het energielabel blijft verplicht bij verkoop, verhuur en oplevering van woningen en gebouwen.
Op maandag 20 april 2026 heeft het kabinet aangekondigd de woningbouw breed te willen versnellen, met als doel “jaren tijdswinst” te boeken in het traject van planvorming tot oplevering. De aanpak is expliciet meersporig: sneller vergunnen, grootschaliger inzetten op industriële (fabrieksmatige) bouw, én meer woningen halen uit bestaande gebouwen (optoppen, splitsen, ombouwen en woningdelen). Tegelijkertijd wordt ook naar het huursegment gekeken, met maatregelen die het investeringsklimaat voor sociale- en middenhuur moeten verbeteren.
Fiscaal partnerschap is een kernbegrip in de Nederlandse inkomstenbelasting. Voor financieel adviseurs is het essentieel om de regels en optimalisatiemogelijkheden van fiscaal partnerschap goed te beheersen. Dit themanummer gaat uitdrukkelijk over fiscaal partnerschap in de Inkomstenbelasting. De definitie van fiscaal partnerschap in de Successiewet (voor de schenk- en erfbelasting) wijkt op sommige punten af van die in de Inkomstenbelasting.
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg toegang tot de Kennisbank, Rekenmodellen en Helpdesk.