Er is geen sprake van schending van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, de Grondwet, de beginselen van behoorlijke wetgeving en van het gelijkheidsbeginsel dat is neergelegd in het IVBPR en EVRM.
Citaat: "2.19. In de Nota naar aanleiding van het verslag Belastingplan 2012 (Kamerstukken II 2011/12, 33003, nr. 10) is omtrent de ingangsdatum het volgende medegedeeld:
“Om uitstelgedrag te voorkomen heeft het kabinet, vooruitlopend op de aanvaarding van deze wet, ervoor gekozen dat het tarief van de overdrachtsbelasting van 2% bij de verkrijging van woningen al met ingang van 15 juni 2011 kan worden toegepast. De reden waarom voor 15 juni is gekozen houdt verband met uitlatingen van het kabinet over de woningmarkt met de bedoeling het vertrouwen in de woningmarkt te versterken. Het hiermee opgewekte consumentenvertrouwen noopte het kabinet ertoe de maatregel met terugwerkende kracht tot deze dag in te laten gaan. Voor woningen die tussen 15 juni 2011 en 1 juli 2011 zijn verkregen is er derhalve in het kader van de rechtszekerheid voor gekozen de tariefsverlaging in deze situaties te laten gelden.”
Uit de onder 2.6. vermelde brief blijkt bovendien dat de wetgever de budgettaire derving en dekking daarvan heeft meegewogen.
2.20. De wetgever heeft dus goede redenen gezien om de tariefsverlaging met ingang van 15 juni 2011 in te laten gaan, waarbij blijkbaar zowel motieven op het gebied van rechtszekerheid als budgettaire motieven hebben meegespeeld. Naar het oordeel van de rechtbank kan niet worden gezegd dat de wetgever daarbij buiten de hem toekomende ruime beoordelingsvrijheid is getreden."
Zie download volledige uitspraak Rechtbank
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99