In het eerste lid van artikel 978 van boek 7 BW is geregeld dat indien sprake is van een verzekering die stellig voorziet in een of meer uitkeringen, de verzekeringnemer het recht heeft de verzekering geheel of gedeeltelijk door de verzekeraar te doen afkopen.
De verzekeraar kan echter in zijn polisvoorwaarden afwijken van dit recht. Dit blijkt uit artikel 986, derde lid, van boek 7 BW. De verzekeraar is derhalve niet te allen tijde verplicht om bij het voortijdig beëindigen van de verzekering over te gaan tot afkoop van de verzekering.
Dit is echter anders bij het tweede lid van artikel 978 van boek 7 BW over premievrije voortzetting. Het tweede lid is dwingend van aard. Er kan niet ten nadele van de verzekeringnemer hiervan worden afgeweken, indien de verzekeringnemer een natuurlijk persoon is en de verzekering niet gesloten is in verband met de uitoefening van een beroep of bedrijf.
De AFM is aandacht gevraagd voor de eventuele niet–naleving van de regels door verzekeraars.
Zie volledige vragen en antwoorden "niet uitkeren premieoverschot" onderaan bij download (pdf, 4 pagina's). Vaktechnische aanvulling: 'Besluit van 22 mei 2008", pdf, 3 pagina's.
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99