Op de langere termijn (na 15-20 jaar) neemt het aanbod aan woningen sterk toe. Dit komt omdat de babyboomers (geboren tussen 1945 en 1960) dan de leeftijd bereiken dat ze niet meer zelfstandig kunnen wonen of overlijden. Er komen dan vooral veel koopwoningen op de markt.
Jongeren verhuizen veel, ouderen verhuizen weinig
Vooral jongeren tot 30 jaar verhuizen vaak. Ze krijgen een nieuwe baan, beginnen een andere opleiding of gaan samenwonen. Na het 30e levensjaar raken de meeste mensen meer gesetteld en wordt er minder verhuisd. Senioren zijn maar weinig geneigd om te verhuizen en stellen een verhuizing vaak uit totdat ze niet meer zelfstandig willen of kunnen wonen. Momenteel maken huishoudens van 75-plussers ongeveer 11% uit van de zelfstandig wonende huishoudens en bijna tweederde van hen woont in een huurwoning. Bij overlijden of verhuizing naar een verzorginstelling komen vooral huurwoningen vrij. In deze tijden van crisis is daar veel vraag naar.
Babyboomers wonen vaak in koopwoning
Over vijftien tot twintig jaar zal de groep 75-plus flink zijn toegenomen (16% van alle huishoudens in 2030, dat zijn 1,35 miljoen huishoudens). Er zullen dan vooral koopwoningen vrijkomen, omdat de babyboomers (geboren tussen 1945 en 1960) veel vaker dan de vooroorlogse generatie huiseigenaar zijn (64 procent heeft koopwoning). Op dit moment komen er als gevolg van de uitstroom van oudere huishoudens jaarlijks circa 50.000 huurwoningen vrij en circa 30.000 koopwoningen. In 2030 zal het aantal door uitstroom van ouderen vrijkomende huurwoningen zijn gedaald naar ca. 40.000 terwijl het aantal zo vrijkomende koopwoningen stijgt naar ongeveer 50.000. Ter vergelijking: dat is ongeveer evenveel als de totale nieuwbouwproductie aan koopwoningen van voor de kredietcrisis.
Artikel
Klik hier voor gehele artikel, (pdf, 4 pagina')
Bron: Planbureau voor de Leefomgeving (PBL)
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99