MijnFintool

Nieuws

Te laat bezwaar gemaakt tegen WOZ beschikking? Dan soms toch mogelijkheden.

Een partner (X) van een huiseigenaar (Y) dient te laat bezwaar in tegen op de zijn naam gestelde WOZ-beschikking. De huiseigenaar (Y) vraagt op haar naam een nieuwe voor bezwaar vatbare beschikking aan. De heffingsambtenaar van de gemeente heeft die beschikking gegeven, maar het bezwaar daartegen niet-ontvankelijk verklaard, omdat het niet de bedoeling van de wetgever kan zijn geweest om een extra mogelijkheid te creëren om tegen de WOZ-waarde in bezwaar te komen.

De rechtbank is van oordeel dat aan eiseres niet de mogelijkheid onthouden kan worden om op grond van artikel 28 Wet WOZ een op haar eigen naam gestelde voor bezwaar vatbare beschikking te vragen.  De rechtbank staaft haar uitspraak onder verwijzing naar hetgeen hierover in de MvT is opgenomen.

Het bezwaar is derhalve ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep is gegrond en de uitspraak op bezwaar dient te worden vernietigd.

De rechtbank is van oordeel dat het aan eiseres vrij stond om op grond van artikel 28, eerste lid, van de Wet WOZ aan verweerder te verzoeken aan haar een nieuwe, voor bezwaar vatbare beschikking af te geven.

In dit verband wordt gewezen op de Memorie van Toelichting bij de wijziging van – onder meer – de Wet waardering onroerende zaken (Aanpassingswet Wet waardering onroerende zaken), Kamerstukken II 1996/97, 25 037, nr. 3, blz. 39-40, waarin het volgende valt te lezen:
Onderdeel D (artikel 24)
Artikel 24 wordt, zo stellen wij voor, uitgebreid met een nieuw vierde en zesde lid, teneinde te komen tot een nauwkeuriger en daarmee voor de WOZ-uitvoeringspraktijk doelmatiger regeling van de bekendmaking van de WOZ-waardebeschikking. Aan de aanvulling op artikel 24 ligt ten grondslag de gedachte dat, althans in eerste aanleg, bekendmaking van de WOZ-beschikking aan slechts één genothebbende en één gebruiker behoeft te geschieden.
 Voor andere belanghebbenden dan degenen aan wie de WOZ-beschikking in eerste aanleg is bekendgemaakt, bestaat – in aanvulling daarop – de mogelijkheid overeenkomstig artikel 28 van de Wet WOZ een «eigen», te hunnen name gestelde beschikking van B en W te verkrijgen.

 
De rechtbank is onder verwijzing naar hetgeen hierover in de Memorie van Toelichting is opgenomen, zoals vermeld onder 11., van oordeel dat aan eiseres niet de mogelijkheid onthouden kan worden om op grond van artikel 28 van de Wet WOZ een eigen, te haren name gestelde beschikking aan te vragen, nu de wetgever daarbij niet enige beperking ten aanzien van de mogelijkheid van bezwaar en beroep heeft opgenomen. Verweerder heeft terecht deze beschikking afgegeven en heeft derhalve in de uitspraak op bezwaar ten onrechte het standpunt ingenomen dat het niet correct was dat aan eiseres een beschikking met bezwaarmogelijkheden is afgegeven.

Lees hier de volledige uitspraak. - In de praktijk kan met deze uitspraak soms toch (opnieuw) bezwaar aangetekend worden tegen een eerdere WOZ-beschikking.

Bron: Rechtspraak.nl

 

 

Modules & dossiers

Opvoerdatum

16 mei 2013

Laatst gewijzigd

16 mei 2013

Reacties

Er zijn (nog) geen reacties op dit artikel

Reageren? Graag eerst inloggen.

Permanent Actueel met Fintool?

Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.
Lees verder

Fintool bv © 2003/2025. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.

1
1