MijnFintool

Nieuws

Doorsneesystematiek pensioenen betekent herverdeling tussen jong en oud

Binnen de meeste pensioenregelingen is sprake van een forse herverdeling van jong naar oud. Dit is het gevolg van de doorsneesystematiek. De kosten voor verandering van dit systeem kunnen oplopen tot honderd miljard euro. Dat schrijven Marcel Lever, Jan Bonenkamp en Ryanne Cox in de CPB Policy Brief ‘Doorsneesystematiek in pensioenen onder druk?’. Deze Policy Brief beoogt een toegankelijke samenvatting te zijn van de meer technische CPB Notitie ‘Eindrapportage Voor- en nadelen van de doorsneesystematiek’, die eind december 2013 werd gepubliceerd.

Download hier "Doorsneesystematiek in pensioenen onder druk?" (pdf, 16 pagina's)

Bij de doorsneesystematiek betaalt iedereen dezelfde premie (in % van het pensioengevend loon) en bouwt iedereen hetzelfde pensioen op (in % van het pensioengevend loon). Binnen pensioenregelingen met doorsneesystematiek zijn de betaalde premie en de waarde van de verkregen pensioenrechten niet met elkaar in overeenstemming. Met name bij onvolledige loopbanen, bijvoorbeeld wegens overstap van werknemer naar zelfstandig ondernemerschap, kan het verschil aanzienlijk zijn.

De doorsneesystematiek leidt tot herverdeling tussen deelnemers. Ten eerste betaalt een jongere dezelfde pensioenpremie en ontvangt deze dezelfde opbouw als een oudere werknemer. De inleg van de jongere kan langer renderen, maar dit werkt niet door in een hogere pensioenopbouw. De premie van de jongeren wordt deels gebruikt voor de pensioenuitkering van oudere werknemers. Ten tweede wordt bij de vaststelling van de premie geen rekening gehouden met structurele verschillen in de levensverwachting. Dit is ongunstig voor deelnemers met een gemiddeld lagere levensverwachting (zoals laagopgeleiden) en gunstig voor mensen met een hogere levensverwachting (zoals hoogopgeleiden).

De auteurs bespreken verschillende mogelijkheden om de betaalde premie en de waarde van de verkregen pensioenrechten meer met elkaar in overeenstemming te brengen. Aan elk van deze veranderingen zijn omvangrijke transitiekosten verbonden, die kunnen oplopen tot ongeveer tien procent van het aanvullend pensioen. In totaal vertegenwoordigt dit een waarde van ongeveer honderd miljard euro (rond negen procent van het totale pensioenvermogen).

 De Policy Brief bevat in vergelijking met de CPB Notitie geen nieuwe gegevens of inzichten en is bedoeld om bij te dragen aan het begrip van en de discussie over dit belangrijke onderwerp binnen het Nederlandse pensioendebat.


Bron: CPB

Modules & dossiers

Opvoerdatum

15 jan 2014

Laatst gewijzigd

15 jan 2014

Reacties

Er zijn (nog) geen reacties op dit artikel

Reageren? Graag eerst inloggen.

Permanent Actueel met Fintool?

Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.
Lees verder

Fintool bv © 2003/2025. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.

1
1