Dient de IV-toets ook te worden gebruikt in het geval van overwaarde en er dus geen sprake is van een mogelijke restschuld?
Zoals is vastgelegd in artikel C1 van de Voorwaarden en Normen 2014, dienen de beheercriteria te worden toegepast als een verkoop met verlies dreigt. Het staat geldverstrekkers vrij in het kader van de zorgplicht en het belang van de consument, de beheercriteria ook toe te passen in situaties waarin overwaarde wordt verwacht. Zeker wanneer de geldnemer(s) de woning wensen te behouden, is het aan te raden de mogelijkheden daartoe op basis van de beheercriteria vast te stellen. Bovendien zijn de toetsresultaten vereist voor de beoordeling van de verliesdeclaratie, mocht de woning toch met een verlies worden verkocht.
Indien een geldverstrekker geen 3-jaars rentetarief aanbiedt, welk tarief dient dan bij toetsing gehanteerd te worden?
Indien geen 3-jaars rentetarief gehanteerd wordt, dient het naast hogere rentetarief gehanteerd te worden. In de meeste gevallen zal dit het 5-jaarstarief zijn.
Hoe dienen verschillende soorten inkomens te worden opgevoerd in de IV-toets?
Een consument kan meerdere soorten inkomen hebben; loondienst, zelfstandig inkomen, uitkering, etc. Indien sprake is van meerdere inkomens dient de geldverstrekker per soort inkomen het toetsinkomen vast te stellen – conform de Voorwaarden en Normen. Aangezien in de IV-toets slechts één soort inkomen kan worden geselecteerd, dient bij meerdere inkomens het toetsinkomen als volgt te worden ingevuld: selecteer het soort inkomen met het grootste aandeel. En vul vervolgens het totale toetsinkomen van alle soorten inkomens in.
Dient de last van een tweede woning te worden meegenomen in de IV-toets?
De last van de tweede woning dient altijd te worden meegenomen als overige financiële verplichting.
Bron: WEW / NHG
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99