Vraag
Is het mogelijk om de vrijwillige voortzetting van de pensioenopbouw na ontslag als bedoeld in artikel 10a, eerste lid, onderdeel c, van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 te onderbreken en op een later moment weer voort te zetten?
Antwoord
Nee. De vrijwillige voortzetting dient ononderbroken plaats te vinden. Dit volgt uit de voorwaarden van het besluit 'Pensioenen; niet op het loon ingehouden pensioenbijdragen; voorwaarden voor vrijwillige voortzetting van pensioenopbouw tot 10 jaar na ontslag' (besluit van 27 april 2012, nr. BLKB2012/157M, Stcrt. 2012, nr. 9044). Het is niet mogelijk om de vrijwillige voortzetting te onderbreken en op een later moment weer voort te zetten.
Vraag
Dient de vrijwillige voortzetting van de pensioenopbouw na ontslag als bedoeld in artikel 10a, eerste lid, onderdeel c, van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 (UBLB) direct aan te sluiten op het beëindigen van de dienstbetrekking?
Antwoord
Ja. De periode van vrijwillige voortzetting van artikel 10a, eerste lid, onderdeel c, UBLB moet direct aansluiten op het beëindigen van de dienstbetrekking. De mogelijkheid van vrijwillige voortzetting kan niet pas op een later moment gebruikt worden. Bij het introduceren per 1 januari 2001 van de fiscale faciliteit voor vrijwillige voortzetting van een pensioenregeling na ontslag (Besluit van 20 december 2000 tot aanpassing van enige uitvoeringsbesluiten, Stb. 2000, 640) is in de toelichting op de wijziging van artikel 10a UBLB aangegeven dat de regeling beoogt om ex-werknemers alleen gedurende een periode van ten hoogste drie jaar direct volgend op de beëindiging van de dienstbetrekking in de gelegenheid te stellen om de deelname aan de pensioenregeling voort te zetten. Bovendien ligt in het gebruik van de term “voortzetting” al begrepen dat feitelijke aanwending van de mogelijkheid direct moet aansluiten op het beëindigde dienstverband.
Bron: Belastingdienst
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99