4 Beslissing
De Hoge Raad:
beantwoordt de gestelde prejudiciële vragen als volgt:
1. Bij de vaststelling van de door de ouders verschuldigde onderhoudsbijdrage voor hun minderjarige kinderen dienen het kindgebonden budget en de daarvan deel uitmakende alleenstaande ouderkop niet in aanmerking te worden genomen bij de bepaling van de behoefte van het kind, maar bij de berekening van de draagkracht van de ouder die het kindgebonden budget ontvangt.
2. Er dient geen onderscheid te worden gemaakt tussen de alleenstaande ouderkop en het overige deel van het kindgebonden budget.
Klik hier voor de volledige uitspraak.
Aanleiding vragen
Sedert 1 januari 2015 geldt de Wet Hervorming Kindregelingen, op grond waarvan de alleenstaande, ten behoeve van kinderen alimentatiegerechtigde, ouder aanspraak kan maken op de zogeheten alleenstaande ouderkop, een onderdeel van het gewijzigde stelsel voor zover het betreft het kindgebonden budget.
De prejudiciële vragen betreffen deze alleenstaande ouderkop en wel in het bijzonder of deze alleenstaande ouderkop in mindering moet worden gebracht op de kosten van levensonderhoud van de kinderen of niet.
Bron: Rechtspraak.nl
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99