Lees hier de volledige uitspraak.
4.6.
De kantonrechter overweegt als volgt.
De benaming en de vormgeving van de tussen partijen gesloten overeenkomst wijzen er, in elk geval op het eerste gezicht, op dat het om een vaststellingsovereenkomst gaat en niet om een opzegging door de werkgever, waarmee door ondertekening van de overeenkomst, door de werknemer is ingestemd.
4.8.
Het stond partijen uiteraard vrij om ook bij een beëindiging met wederzijds goedvinden te onderhandelen over een eventuele transitievergoeding. Dit is echter niet gebeurd. Beide partijen hebben immers aangegeven dat er niet is gesproken over enige financiële vergoeding van TT aan [verzoeker] .
4.9.
De kantonrechter komt vervolgens toe aan de beoordeling van de tweede grondslag van het verzoek van [verzoeker] , namelijk het antwoord op vraag of er op TT een mededelingsplicht rustte, op grond van artikel 7:611 BW, om een werknemer te wijzen op z’n mogelijke aanspraak op een transitievergoeding.
4.10.
De Wet Werk en Zekerheid is zeer recent in werking getreden. Daarin zijn ten behoeve van de werknemer door de wetgever bewust verschillende mededelingsplichten voor de werkgever geschapen. Geen daarvan ziet op een algemene spreekplicht voor de werkgever om bij de onderhandelingen omtrent het einde van de arbeidsovereenkomst te wijzen op de mogelijke aanspraak op een transitievergoeding. Bezien tegen die achtergrond valt niet makkelijk aan te nemen dat op de voet van artikel 7:611 BW een algemene mededelingsplicht ten aanzien van de transitievergoeding kan worden gebaseerd.
Iedere werknemer heeft immers thans 14 dagen dan wel 21 dagen bedenktijd en dat is voldoende tijd om als werknemer informatie in te winnen over de rechten en plichten bij de beëindiging van de arbeidsovereenkomst en de financiële voorwaarden daarbij. Dit gold dus ook voor [verzoeker] . De omstandigheid dat [verzoeker] zegt de Nederlandse taal onvoldoende te beheersen en snel te hebben moeten tekenen is onvoldoende feitelijk onderbouwd.
Dat er sprake is van dwang, dwaling of misbruik van omstandigheden is onvoldoende gesteld of gebleken.
4.11.
Het verzoek van [verzoeker] zal dus worden afgewezen.
Bron: Rechtspraak.nl
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99