MijnFintool

Nieuws

Rechtspraak: beroep ontbindende voorwaarde (financieringsvoorbehoud)

In een uitspraak van het Gerechtshof wordt op een paar vragen ingegaan, waarbij een koper de koopovereenkomst ontbond.
Kon koper van een onroerende zaak gerechtvaardigd beroep doen op ontbindende voorwaarde (financieringsvoorbehoud)? Beoordeling schadeclaim na beroep op ontbindende voorwaarde. Ingebrekestelling nodig?

Lees hier de volledige uitspraak.

artikel 16 Ontbindende voorwaarden
Deze overeenkomst kan door koper worden ontbonden indien uiterlijk:
(…)
b. op 1 oktober 2014 koper voor de financiering van de onroerende zaak voor een bedrag van: nader door koper te bepalen, doch maximaal 106% van de overeengekomen koopsom, geen hypothecaire geldlening of het aanbod daartoe van een erkende geldverstrekkende instelling heeft verkregen, zulks tegen geen hogere bruto jaarlast dan niet van toepassing of een rentepercentage niet hoger dan niet van toepassing %, bij de volgende hypotheekvorm: Nader door koper te bepalen financieringsvorm.
In het kader van een mededeling dat ontbinding wordt ingeroepen op grond van een financieringsvoorbehoud, dient deze mededeling vergezeld te worden van bewijsstukken dat de koper bij tenminste 2 geldverstrekkende instellingen een offerte heeft aangevraagd of aan heeft laten vragen en dat geen van deze aanvragen heeft geleid tot een door de geldverstrekkend instelling geaccepteerde aanvraag. Deze bewijsstukken dienen in ieder geval te bevatten:
de naam van de aanvrager, het adres voor welke woning de aanvraag is gedaan, het aangevraagde hypotheekbedrag en de reden van afwijzing.
Ontbreekt een dergelijk bewijsstuk of is het bewijsstuk niet volledig dan hoeft verkoper geen genoegen te nemen met ontbinding van deze koopovereenkomst.

Afwijzing
c. In de bij de koopovereenkomst gevoegde toelichting op artikel 16 staat het volgende vermeld:
“Het inroepen van ontbinding dient "goed gedocumenteerd" te geschieden. Wat “goed gedocumenteerd” inhoudt is afhankelijk van de inhoud van de ontbindende voorwaarde. Het gaat erom dat de wederpartij zich een beeld kan vormen of er terecht een beroep op de ontbindende voorwaarde wordt gedaan.

d. Bij brief van 17 december 2013 heeft [geïntimeerde] aan [appellant] en makelaar [makelaar] het volgende geschreven:
“Met ingang van 1 april 2013 kocht ik bij u een woonhuis met stallen aan de [adres] [postcode] te [plaats] .
Na aanleiding van gesprekken met diverse banken en hypotheekadviseur moet ik de koopovereenkomst per 1 januari ontbinden door het niet verkrijgen van een hypotheek.
Zoals in artikel 3 eigendomsoverdracht vermeld staat voor uiterlijke datum.

De banken willen geen hypotheek aan mij vertrekken. En vinden het de moeite niet waard om nogmaals een hypotheek aan te vragen met de vooruitgang van mijn inkomsten. Deze blijft te laag.

Ook contact opgenomen met een hypotheekadviseur. Deze heeft ook toetsingen en aanvragen voor mij gedaan bij diverse banken. Helaas mag dit niet baten en is het niet haalbaar voor mij.

Vonnis
De rechtbank heeft in het vonnis waarvan beroep de vorderingen van [appellant] afgewezen. Met betrekking tot de gevorderde boete heeft de rechtbank overwogen dat de koopovereenkomst rechtsgeldig door [geïntimeerde] is ontbonden doordat zij een gerechtvaardigd beroep heeft gedaan op het financieringsvoorbehoud in artikel 16 van de koopovereenkomst.

Jaarverslagen
Ter toelichting op de derde grief voert [appellant] aan dat [geïntimeerde] zich niet gerechtvaardigd op het financieringsvoorbehoud kon beroepen omdat zij zelf de vervulling van de ontbindende voorwaarde teweeg heeft gebracht ( [appellant] verwijst in dit verband in zijn memorie van grieven naar artikel 6:23 lid 1 BW, maar het hof gaat ervan uit dat bedoeld is een beroep te doen op artikel 6:23 lid 2 BW).

[appellant] onderbouwt zijn stelling aldus dat [geïntimeerde] wist dat door banken en door andere financiers aan zelfstandige ondernemers, zoals [geïntimeerde] , bij de boordeling van financieringsaanvragen de eis wordt gesteld dat de bedrijfsresultaten van drie voorafgaande jaren worden overgelegd. Doordat [geïntimeerde] haar financieringsaanvragen te vroeg heeft gedaan, heeft ze de afwijzing daarvan – en daarmee de vervulling van de ontbindende voorwaarde – zelf bewerkstelligd.

[appellant] voert verder aan dat het inkomen van [geïntimeerde] zodanig was dat ze, indien ze ná het verstrijken van de termijn van drie jaren een aanvraag tot financiering zou hebben gedaan, had kunnen rekenen op toewijzing van haar aanvraag.

Uitspraak Hof
Naar het oordeel van het hof kunnen deze stellingen van [appellant] , die door [geïntimeerde] gemotiveerd zijn weersproken, niet worden aanvaard.

Bron: Rechtspraak

Modules & dossiers

Opvoerdatum

22 jun 2016

Laatst gewijzigd

22 jun 2016

Reacties

Er zijn (nog) geen reacties op dit artikel

Reageren? Graag eerst inloggen.

Permanent Actueel met Fintool?

Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.
Lees verder

Fintool bv © 2003/2025. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.

1
1