Download: "Nota" (pdf, 15 pagina's)
Aanleiding voor dit wetsvoorstel is de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 16 april 2014 waarin een woonboot wordt aangemerkt als een bouwwerk in de zin van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: Wabo) en de Woningwet. Deze uitspraak zou voor vele woonboten en andere drijvende objecten kunnen betekenen dat deze eveneens als een bouwwerk in de zin van de Woningwet en de Wabo aangemerkt moeten worden. Veel bestaande woonboten voldoen echter niet aan de Wabo en de Woningwet en zouden dan ook in feite illegaal worden. Om zulke consequenties tegen te gaan heeft de regering besloten de wet- en regelgeving voor woonboten aan te passen.
Overgangsrecht
Het overgangsrecht is niet gebonden aan een bepaalde periode of einddatum. Op de woonboten die onder het overgangsrecht vallen, dat wil zeggen bestaande woonboten, zullen de technische voorschriften van het Bouwbesluit voor de nieuwbouw, de verbouw, de staat en het gebruik van bouwwerken niet van toepassing zijn, ook niet als deze bouwwerken in de toekomst worden verbouwd.
Nieuwe drijvende bouwwerken
Na inwerkingtreding van het voorliggende wetsvoorstel kunnen er twee soorten nieuw drijvend bouwwerk zijn. Ten eerste vormt een nieuw gebouwde woonboot of watervilla een nieuw drijvend bouwwerk. Daarnaast kan een bestaand drijvend object door functiewijziging een nieuw drijvend bouwwerk zijn, bijvoorbeeld een vrachtschip dat voortaan op een vaste ligplaats als woonboot gaat worden gebruikt.
Verblijven - Wonen
“Verblijven” is een ruimer begrip dan “wonen”. Bij wonen is sprake van een verblijf met een permanent karakter. Voorbeelden van wonen in een drijvend object zijn het wonen in een woonark of in een drijvende villa. Bij andere vormen van verblijven gaat het in het algemeen om een verblijf van kortere duur. Voorbeelden van ander verblijf zijn het verblijven in een hotel of in een restaurant.
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99