Naar het oordeel van de rechtbank moet voor alle betrokken partijen duidelijk zijn geweest dat de gerealiseerde wijzigingen van de verzekerde sommen voor de juwelier zinloos zouden blijken bij een nieuwe overval. Bovendien was evident dat de juwelier naar aanleiding van de teleurstellende uitkering na de eerste overval, juist op dat punt een verbetering van zijn verzekering wilde. De (verhoogde) dekking van de handelsvoorraad was gemaximeerd tot EUR 40.000,00 vergoeding in geval van overval
Lees hier de volledige uitspraak.
De zorgplicht van een assurantietussenpersoon brengt met zich dat hij dient te waken voor de belangen van de verzekeringnemer bij de tot zijn portefeuille behorende verzekeringen en dat tot zijn taak in beginsel ook behoort dat hij de verzekeringnemer tijdig opmerkzaam maakt op de gevolgen die hem bekend geworden feiten kunnen hebben voor de dekking van de tot zijn portefeuille behorende verzekeringen. Gelet op de uitdrukkelijke en evidente wens van de juwelier om beter verzekerd te zijn bij overvallen en de bij assurantietussenpersoon bekende gegevens die zij van verzekeraar heeft gekregen, komt de rechtbank tot de conclusie dat de assurantietussenpersoon in onvoldoende mate de belangen van winkelier heeft behartigd, zodat zij in strijd heeft gehandeld met de op haar rustende zorgplicht als assurantietussenpersoon.
Schadevaststelling
De rechtbank dient de door juwelier geleden schade vast te stellen door de hypothetische situatie, waarin de adviseur de juwelier volledig zou hebben voorgelicht, te vergelijken met de werkelijke situatie.
Bron: Rechtspraak.nl
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99