In de door commissie voorgestelde oplossing wordt aan deeltijders meer fiscale ruimte voor pensioenopbouw geboden dan thans volgens artikel 18ga van de Wet op de loonbelasting 1964 (Wet LB 1964) mogelijk is.
Extra ruimte
Deze extra ruimte wordt geboden aan werknemers die aan twee voorwaarden voldoen.
Ten eerste moet het gaan om een werknemer met ten minste één deeltijddienstbetrekking die door de toepassing van de deeltijdfactor in zijn pensioenopbouw beperkt wordt door een aftoppingsgrens die minder bedraagt dan € 101.519.
Ten tweede dient vervolgens te blijken dat de optelsom van de in de dienstbetrekkingen van deze werknemer in dat jaar als gevolg van de aftoppingsgrens ten hoogste als pensioengevend loon in aanmerking te nemen bedragen achteraf bezien lager ligt dan € 101.519. Indien aan deze twee voorwaarden is voldaan, stelt de commissie voor om te verkennen of het fiscaal mogelijk kan worden gemaakt dat met terugwerkende kracht additionele fiscaal gefaciliteerde pensioenopbouw in de tweede pijler toegestaan zou kunnen worden.
Mogelijkheden
Staatssecretaris Wiebes ziet geen reële mogelijkheden om op een andere wijze dan het hanteren van een deeltijdfactor te voorkomen dat iemand met meerdere deeltijddienstbetrekkingen in totaal over een hoger pensioengevend loon dan het maximum van € 101.519 pensioen kan opbouwen.
Download: "Kamerbrief" (pdf, 4 pagina's)
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99