Vraag 35
Hoe groot is het budgettaire beslag van de hypotheekrenteaftrek sinds 2013 tot met 2016?
Antwoord op vraag 35
Het budgettaire beslag van de hypotheekrente aftrek in de jaren 2013 tot en met 2016 wordt weergegeven in onderstaande tabel.
Jaar 2013 2014 2015 2016
Budgettair beslag in € mln 13.620 13.012 12.314* 11.216*
* Raming
Vraag 47
Hoeveel mensen ontvangen zorgtoeslag, huurtoeslag, kinderopvangtoeslag en
kindgebondenbudget? Hoe groot is het budgettaire beslag per toeslag? In welke toeslag zit een
armoedeval (dat mensen bij meer inkomen, uiteindelijk netto minder kunnen overhouden door
minder of geen toeslag)? Waar liggen de vermogenstoetsgrenzen per toeslag?
Antwoord op vraag 47
In de tabel hieronder is aangegeven hoeveel huishoudens gebruik maken van de betreffende toeslagen, wat het budgettaire beslag van de regeling is en wat de grens van de vermogenstoets in de regeling is. De kinderopvangtoeslag kent geen vermogenstoets.
Alle vier de toeslagen kennen een inkomensafhankelijke afbouw, wat zorgt voor een hogere marginale druk voor huishoudens met een inkomen binnen het afbouwtraject. Er kan bij bepaalde inkomensniveaus sprake zijn van een armoedeval, waarbij het besteedbaar inkomen afneemt als het bruto inkomen toeneemt. Dit komt vooral door de snelle afbouw van de huurtoeslag.
Tabel 1: Aantal gebruikers, budget en de grens van de vermogenstoets van de zorgtoeslag, kinderopvangtoeslag, huurtoeslag en het kindgebonden budget in 2016.
Aantal gebruikers (mln huishoudens) Budget (mld €) Grens vermogenstoets (eenpersoonshuishouden)
Zorgtoeslag 4,6 4,2 € 82.504 boven heffingvrij vermogen
Kinderopvangtoeslag 0,4 2,4 Geen vermogenstoets
Huurtoeslag 1,5 3,3 heffingvrij vermogen box 3
Kindgebonden budget 0,8 2,1 € 82.504 boven heffingvrij vermogen
Vraag 76
Hoeveel procent van het totale vermogen zit in pensioen? Hoeveel in eigen woning?
Antwoord op vraag 76
In 2015 bestond het totale vermogen van Nederlandse huishoudens voor 44% uit pensioenen en voor 36% uit eigen woningen.
Vraag 84
Hoe ver zijn de plannen gevorderd om de loondoorbetaling bij ziekte flink terug te dringen?
Antwoord op vraag 84
Minister Asscher heeft op 21 december 2015 de SER gevraagd om een advies uit te brengen over een sluitend stelsel voor loondoorbetaling bij ziekte voor zowel zzp’ers als werknemers. Vooruitlopend op dit advies heeft Minister Asscher in zijn kamerbrief van 21 april 2016 een aantal maatregelen aangekondigd om een aantal prangende knelpunten die werkgevers rondom de loondoorbetalingsverplichting bij ziekte ervaren te verminderen. Deze verbeteringen moeten het huidige stelsel voor werkgevers beter draagbaar maken. De maatregelen hebben betrekking op de loonsanctie in relatie tot re-integratie tweede spoor, de aanvraag voor een vervroegde IVA-beoordeling en de premiestelling bij de verzuimverzekering. Minister Asscher zal de Tweede Kamer in oktober informeren over de uitwerking van deze maatregelen. Naast deze drie maatregelen is hij in gesprek met sociale partners om bovenwettelijke aanvullingen bij de loondoorbetaling te beperken conform de met sociale partners gemaakte afspraken in het Najaarsakkoord 2004.
Vraag 90
Kunt u aangeven hoeveel inkomen een zzp’er met recht op zelfstandigenaftrek, startersaftrek,
MKB-winstvrijstelling, algemene heffingskorting, arbeidskorting en inkomensafhankelijke
combinatiekorting kan verdienen, voordat zij/hij inkomstenbelasting betaalt? Kunt u de berekening
toelichten?
Antwoord, zie download onderaan (schema)
Vraag 92
Hoe verklaart u de piek in de loan-to-value-ratio in 2012
Antwoord op vraag 92
Sinds 1 januari 2013 is de ministeriele regeling hypothecair krediet van kracht. In deze regeling worden grenzen gesteld aan de maximale hoogte van het hypothecair krediet in verhouding tot de waarde van de woning (de LTV ratio) en de maximale van het hypothecair krediet ten opzichte van het inkomen (LTI). In 2013 is de LTV gemaximeerd op 105%. Sinds 2013 wordt de maximale LTV jaarlijks met 1 procentpunt verlaagd tot 100% in 2018. Ook moet er per 1 januari 2013 volledig en minimaal annuïtair afgelost worden om in aanmerking te komen voor hypotheekrenteaftrek. Hypotheken van 2012 en eerder vallen onder overgangsrecht.
Consumenten anticipeerden op de introductie van deze aangescherpte regels door nog in 2012 een woning te kopen. Veel van deze hypotheken zijn pas in 2013 geregistreerd omdat de voorwaarde toezag op het per 31 december hebben van een onherroepelijk koopcontract (en niet van een hypotheek). Dit verklaart waarschijnlijk de piek in het eerste kwartaal van 2013.
Vraag 93
Hoe verklaart u de oploop in de loan-to-value-ratio
Antwoord op vraag 93
De maximale LTV daalt sinds 2013 met 1 procentpunt per jaar en is in 2017 gemaximeerd op 101% van de waarde van de woning. De gemiddelde LTV van starters op het moment van afsluiting ligt sinds 2013 enkele procentpunten onder dit maximum. Hoewel de gemiddelde LTV fluctueert en in 2015 licht toenam, is de trend dalend.
Omdat in de dataset ook gegevens zijn opgenomen van doorstromers en oversluiters jonger dan 35, hoeft de beperkte stijging overigens niet het gevolg te zijn van starters die relatief meer lenen ten opzichte van de waarde van hun woning dan een jaar eerder.
Vraag 94
Wat is naar verwachting de gemiddelde loan-to-value-ratio na 2042 als iedereen in Nederland die
van de hypotheekrenteaftrek gebruik maakt annuitair aflost?
Antwoord op vraag 94
De maximale LTV op het moment van afsluiten, zal in 2042 in grote mate afhangen van de dan geldende regelgeving en de voorkeuren van consumenten. Wel kan gesteld worden dat de LTV van consumenten die annuitair aflossen, daalt gedurende de looptijd van de hypotheek. Het aantal (langer lopende) annuitaire hypotheken ten opzichte van niet-annuitaire hypotheken zal de komende jaren naar verwachting verder toenemen waardoor de gemiddelde LTV in Nederland verder zal dalen. Vanaf 2042 zal naar verwachting, bij ongewijzigd beleid, het merendeel van de hypotheken ten minste anuitair worden afgelost waardoor ook de gemiddelde LTV in Nederland zal dalen.
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99