De afgelopen twee jaar heeft DNB zeven on-site onderzoeken naar het renterisico in het bankenboek (IRRBB) uitgevoerd bij de Nederlandse grootbanken en een aantal kleinere banken. Het doel van deze on-site onderzoeken was om inzicht te krijgen in de beheersing van IRRBB in de lagerenteomgeving. Hieronder staan de belangrijkste conclusies.
De Nederlandse retailbanken zijn voor een groot deel afhankelijk van de netto rente-inkomsten (75% van hun totale inkomsten). Daarnaast is een aanzienlijk deel van de balans gevoelig voor het gedrag van klanten, zoals vervroegde aflossing van hypotheken en opname van spaargelden. Het gedrag van klanten heeft invloed op de verwachte looptijd van spaargelden en hypotheken en daarmee op de risicobeheersing. De belangrijkste risico's van de lagerenteomgeving voor de Nederlandse banken liggen op het gebied van langetermijneffecten van de netto rente-inkomsten, klantgedrag en herfinanciering.
Een van de belangrijkste conclusies is dat banken de langetermijneffecten van langdurig lage rentes op hun netto rente-inkomsten moeten kunnen kwantificeren, de uitkomsten moeten afwegen tegenover mogelijke andere scenario's en op basis van deze afwegingen hun beslissingen moeten nemen, zowel op het gebied van de balanspositie als bij de strategische besluitvorming. Een nauwkeurige schatting van de netto rente-inkomsten over een voldoende lange periode, bij voorkeur tenminste vijf jaar, is dan ook noodzakelijk. Het feit dat de rentes op bepaalde producten hun ondergrens naderen en er relatief weinig ruimte meer is voor verdere daling maakt die noodzaak groter. Dit zet de netto rente-inkomsten verder onder druk, omdat verdere dalingen van couponrentes aan de activazijde niet volledig kunnen worden doorberekend aan de passivazijde.
Banken moeten het effect van klantgedrag op hun balans kunnen meten met rentegevoelige modellen ondersteund door adequate scenarioanalyses. Door de dalende rente is het moeilijker geworden om klantgedrag te voorspellen en te modelleren: het is lastig om het gedrag van spaarders in te schatten als de rente nog verder daalt, net als het gedrag van hypotheekklanten bij verder dalende óf plotseling snel stijgende rentes. Banken moeten zich bewust zijn van de beperkingen van modellen en deze onderbouwen met scenarioanalyses waarin de impact van verschillende rentes en veranderingen in klantgedrag worden berekend in het kader van IRRBB-beheersing en besluitvorming.
Aangezien de omvang van hypotheekleningen met een looptijd van langer dan tien jaar significant is gestegen, is het herfinancieringsrisico voor banken eveneens groter geworden. Banken zien zich geconfronteerd met een toenemende creditspread wanneer ze de financiering van hun vastrentende waarden moeten herfinancieren. De meeste banken uit het onderzoek zijn zich bewust van dit risico en hebben daarom hun productie van hypotheken met langere looptijden beperkt.
Hoewel er vanuit de toezichtregelgeving geen verplichte maatregelen voor de beheersing of kapitalisatie van creditspreadrisico op de liquiditeitsportefeuille bestaan, moeten banken deze wel nemen nu creditspreads niet alleen steeds belangrijker worden ten opzichte van de risicovrije rente maar ook volatieler.
Bron: DNB
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99