Download:
Zorgverzekeraars ontvangen jaarlijks rond 15 oktober informatie over de hoogte van de vereveningsbijdrage. De hoogte van de vereveningsbijdrage is gebaseerd op de uitgavenramingen die begin september vaststaan. Daarnaast is de informatie uit de begroting – zoals de uitgavenramingen van VWS en de rekenpremie – relevante informatie voor zorgverzekeraars voor hun ramingen. Ook de rekenpremie is gebaseerd op de uitgavenramingen die begin september vaststaan. Het is dus niet mogelijk dat zorgverzekeraars de nominale premie al voor Prinsjesdag bekend maken.
De nominale premie bestaat uit twee delen; de rekenpremie en de opslagpremie.
De rekenpremie wordt vastgesteld door VWS en is voor alle zorgverzekeraars gelijk. Samen met de opbrengsten uit eigen betalingen en de bijdrage uit het zorgverzekeringsfonds (de vereveningsbijdrage) kunnen zorgverzekeraars hiermee in de optiek van VWS hun zorgkosten voor het jaar waarop de premie betrekking heeft betalen.
De opslagpremie stellen zorgverzekeraars zelf vast en verschilt dus per verzekeraar. Hieruit financieren zorgverzekeraars hun beheerskosten en bouwen zij reserves op of af. In de opslagpremie kunnen zorgverzekeraars ook winsten en verliezen uit het verleden, afwijkende inschattingen ten aanzien van de zorguitgaven of risico-opslagen verwerken. Door verschillen in de opslagpremie concurreren zorgverzekeraars met elkaar om verzekerden.
De nominale premies die zorgverzekeraars nu in november bekend maken, worden dus niet door VWS, maar door zorgverzekeraars zelf vastgesteld.
Over het inzetten van meevallers vallen bij voorbaat geen afspraken te maken; meevallers doen zich immers onbeoogd voor. Bovendien is het vanwege de mededingingeisen niet toegestaan hier afspraken over te maken.
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99