Download: "Kamerbrief" (pdf, 5 pagina's)
In het merendeel van de consultatiereacties is betoogd dat de huidige bescherming van zzp-ers en mkb-ers niet optimaal werkt. Volgens de meeste respondenten wordt bij de huidige mate van bescherming ten onrechte uitgegaan van een verschil tussen consumenten en kleinzakelijke klanten.
Het merendeel van de respondenten is echter van mening dat de overeenkomsten tussen consumenten en kleinzakelijke klanten geen verschil van bescherming rechtvaardigen. Kleinzakelijke klanten hebben volgens deze respondenten namelijk vaak dezelfde kennis en kunde als consumenten, ontberen specifieke financiële expertise en kunnen ondanks hun eigen verantwoordelijkheid niet altijd de volledige consequenties van hun handelen overzien of de impact bepalen van producten of specifieke bepalingen.
De toegang tot een onafhankelijk klachtinstituut en de invoering van de bevoegdheid voor het aanstellen van externe beoordelaars is overwegend positief beoordeeld. Respondenten zijn het in meerderheid met elkaar eens dat kleine ondernemers (met weinig expertise en financiële middelen) terecht moeten kunnen bij een laagdrempelige geschillenbeslechter. Een aantal respondenten noemt expliciet hiervoor het Kifid.
De NVB heeft aangegeven uitbreiding te willen onderzoeken en ook het Verbond van Verzekeraars ziet draagvlak voor onderzoek onder haar leden.
Zo is de NVB op dit moment bezig om een gedragscode kleinzakelijk te ontwikkelen t.b.v. kredietverlening aan zzp-ers en mkb-ers. Mede gegeven het beeld dat naar voren is gekomen uit de consultatie, wil ik in eerste instantie inzetten op verbetering van de bescherming van kleinzakelijke klanten door middel van zelfregulering. Hierbij gaat het concreet om (i) het stimuleren van het initiatief van de NVB om een afdwingbare gedragscode t.b.v. kredietverlening aan kleinzakelijke klanten op te stellen; en (ii) het oproepen van banken en verzekeraars om in overleg met ondernemersvertegenwoordigers de mogelijkheid voor toegang tot alternatieve geschillenbeslechting naar kleine ondernemers uit te breiden (à la Kifid) te onderzoeken.
Om te bepalen of de gedragscode effectief is, acht ik het wenselijk dat de werking van de gedragscode wordt gemonitord en dat de gedragscode na drie jaar wordt geëvalueerd. Mochten er al eerder signalen zijn dat het beschermingsniveau onvoldoende verbetert, bijvoorbeeld doordat de gedragscode de geconstateerde problemen onvoldoende adresseert, of als uit de evaluatie blijkt dat de bescherming van kleinzakelijke klanten onvoldoende is geborgd, dan zal ik bezien of aanvullende (wettelijke) maatregelen nodig zijn om de gewenste mate van bescherming te bereiken.
Mede gelet op de consultatiereacties, acht ik het (voorlopig) niet opportuun om de uitbreiding van de reikwijdte van het provisieverbod en de bevoegdheid tot het opleggen van compensatie op dit moment nader te verkennen.
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99