Daarmee wordt bewust afgeweken van het feit dat de eigen woning in de inkomstenbelasting een bron van inkomen vormt. Als gevolg van de per 2013 ingevoerde aflossingseis voor eigenwoningschulden is een extra stimulering voor een versnelde aflossing door de regeling Hillen echter niet meer noodzakelijk. Door de aflossingseis komen belastingplichtigen bovendien veel eerder in aanmerking voor toepassing van die regeling. Hierdoor is de regeling op termijn financieel onhoudbaar. De geraamde kosten van de regeling Hillen bedroegen in 2015 in totaal € 556 miljoen.
Vooral door de met ingang van 1 januari 2013 ingevoerde aflossingseis neemt het budgettaire belang sterk toe, tot € 1,1 miljard in 2042. Het voorgaande is reden om deze regeling af te schaffen.
Met de voorgestelde maatregel wordt de aftrek met ingang van 1 januari 2019 in gelijke stappen in dertig jaren uitgefaseerd. Dit betekent dat per 2019 nog 96 2/3% van het verschil tussen het EWF en de daarop drukkende aftrekbare kosten in aanmerking wordt genomen, in 2020 nog 93 1/3% van genoemd verschil et cetera, tot de aftrek met ingang van 1 januari 2048 geheel is vervallen.
Verloop uitfaseren van de aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld | ||
Jaar | Percentage regeling Hillen* | Jaarlijkse |
opbrengst** | ||
2018 | 100,00% | 0,00% |
2019 | 96,67% | 3,33% |
2020 | 93,33% | 6,67% |
2021 | 90,00% | 10,00% |
… | … | … |
2046 | 6,67% | 93,33% |
2047 | 3,33% | 96,67% |
2048 | 0,00% | 100,00% |
* aftrek in procenten van het verschil tussen EWF en aftrekbare kosten. | ||
** in procenten van het budgettaire belang. |
|
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99