Vordering in kort geding tot verwijdering gegevens in het CKI van BKR in verband met verkrijgen van (niet verkrijgen) van hypotheek. Belangenafweging als vereist door HR valt ten gunste van eiser uit bij afweging van belangen eiser tegen die van BKR. Onvoldoende weersproken belang bij aankoop woning en argumenten voor handhaven registratie te licht bevonden.
De voorzieningenrechter is voorshands van oordeel dat handhaving van de BKR-registratie van [eiser] uit een oogpunt van proportionaliteit onvoldoende kan steunen op de belangenafweging zoals Wehkamp die ten grondslag heeft gelegd aan haar (in negatieve zin herziene) beslissing tot weigering om tot verwijdering van de registratie te komen.
De betalingsverplichting betrof immers een relatief gering bedrag en is door [eiser] uiteindelijk, toen hij daarmee door het incassobureau was geconfronteerd, binnen een redelijk korte termijn afgelost. De daarmee resterende verwijtbaarheid van de daarvóór onbenut gebleven tijd aan de zijde van [eiser] als gevolg van het door hem niet melden van zijn adreswijziging moet worden gerelativeerd met het gegeven dat diens nieuwe en huidige adres reeds per 29 augustus 2011 in het GBA was opgenomen en daarvan derhalve eerder anderszins kennis had kunnen worden genomen dan is gebeurd.
Lees hier de volledige uitspraak.
Kort geding (Obvion), tussentijds verwijderen BKR registratie
(4.4) Uitgangspunt is dus dat de registratie terecht heeft plaatsgevonden. Niet in geschil is dat het reglement voorschrijft dat de registratie pas na 5 jaar, dus op 6 oktober 2021 door Obvion mag worden verwijderd. Dat laat echter onverlet dat ook in de tussentijd aanleiding kan bestaan om de registratie te verwijderen, namelijk als handhaving in strijd zou zijn met de eerdergenoemde eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is daarvan in dit geval sprake.
Lees hier de volledige uitspraak.
Bron: Rechtspraak.nl
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99