Met een tijdig en voldoende gedocumenteerd beroep op het financieringsvoorbehoud is tijdig overgegaan tot het inroepen van de ontbinding van de koopovereenkomst die is opgesteld aan de hand van het vernieuwde NVM-model.
4.5. [eiser c.s. = 'koper']
Het meest verstrekkende verweer van [C] is dat [eiser c.s.] . geen beroep op het financieringsvoorbehoud toekomt, omdat in de tevens tussen partijen gesloten gebruikersovereenkomst expliciet is overeengekomen dat [eiser c.s.] . afstand heeft gedaan van de mogelijkheid om zich op de ontbindende voorwaarde in de koopovereenkomst te beroepen, zodat laatstgenoemde overeenkomst ‘definitief’ is geworden. [eiser c.s.] . was daartoe volgens [C] bereid omdat op 5 juli 2017, toen de koopovereenkomst werd ondertekend, zekerheid bestond over (het rond krijgen van) de financiering.
In de gebruikersovereenkomst staat inderdaad dat ‘koper afstand doet van zijn recht(en) om de koopovereenkomst te ontbinden op grond van het bepaalde in art. 15 van de koopakte waardoor deze koopovereenkomst definitief is’.
[eiser c.s.] . betwist dat hieruit volgt dat zij bereid was om reeds met ingang van 5 juli 2017 afstand te doen van de ontbindende voorwaarde in de koopovereenkomst en stelt zich op het standpunt dat de gehele gebruiksovereenkomst is gekoppeld aan de datum van 15 augustus 2017. De bepaling in de gebruikersovereenkomst die betrekking heeft op de ontbinding, zoals deze hierboven is weergegeven, is bedoeld om aan te geven dat de koopovereenkomst na het uitwerken van het financieringsvoorbehoud niet meer ontbonden kan worden. Pas dan is de koopovereenkomst ‘definitief’, aldus [eiser c.s.] .
De voorzieningenrechter onderschrijft het door [eiser c.s.] . ingenomen standpunt en overweegt daarbij dat niet kan worden volstaan met een taalkundige benadering van vermelde contractsbepaling, maar dat het aankomt op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer aan het overeengekomene mochten toekennen en hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten (HR 13 maart 1981, Haviltex). Het zou onbegrijpelijk zijn om in de koopovereenkomst een ontbindende voorwaarde op te nemen, waarvan de werking terstond door een bepaling in de diezelfde dag gesloten gebruikersovereenkomst teniet zou worden gedaan. Gelet hierop heeft [eiser c.s.] . er naar het voorshandse oordeel van de voorzieningenrechter op mogen vertrouwen dat zij niet op het moment van het ondertekenen van de gebruikersovereenkomst al afstand heeft gedaan van het recht om de koopovereenkomst met een beroep op het financieringsvoorbehoud te ontbinden. De voorzieningenrechter leest de betreffende contractuele bepalingen in onderlinge samenhang bezien aldus, dat partijen hebben beoogd te regelen dat [eiser c.s.] . dit recht zou hebben verloren indien zij niet uiterlijk op 15 augustus 2017 het financieringsvoorbehoud zou hebben ingeroepen.
Lees hier de volledige uitspraak.
Bron: Rechtspraak.nl
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99