De Commissie stelt dat de boeterente zoals die is gegeven op 14 november 2016 heeft te gelden als indicatief en daaraan dus geen rechten kunnen worden ontleend. Het indicatieve karakter houdt verband met de rentestand. Consument mag er dan ook op vertrouwen dat de in rekening gebrachte vergoeding afhankelijk is van de hoogte van deze rente.
In dit geval staat niet ter discussie dat het verschil tussen de opgave van de indicatieve boeterente bij aflossing op 1 december 2016 en de definitieve boeterente, het gevolg is van een verlaging van de hypotheekrente tussen de eerste en de tweede berekening van de boeterente. Naar het oordeel van de Commissie kan daaruit de hogere vergoeding voor vervroegde aflossing worden afgeleid.
Ten aanzien van de stelling van Consument dat de boeterente gebaseerd dient te zijn op de rente zoals genoemd in de rentelijst van 13 oktober 2016, oordeelt de Commissie dat het extranet gericht is op de tussenpersoon en dat Consument daar geen gerechtvaardigd vertrouwen aan kan ontlenen.
Lees hier de volledige uitspraak.
Bron: Kifid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99