MijnFintool

Nieuws

Kifid: bewaar stukken renteverlenging

In een klacht bij Kifid heeft een consument gesteld dat hij een rentevaste duur heeft gekozen van 5 jaar. Volgens de bank is dit 15 jaar. Bewijslast ligt bij de consument (klager), maar de bank moet haar verweer staven met gegevens uit haar administratie.

Belanghebbende heeft zich bij de Geschillencommissie erover beklaagd dat de Bank hem geen nieuw rentevoorstel heeft gedaan, hoewel in 2005 een rentevaste periode van 5 jaar is overeengekomen. Belanghebbende voert aan dat hij aanvankelijk in de veronderstelling verkeerde dat een rentevaste periode van 10 jaar was overeengekomen, maar dat hij na het doorzoeken van zijn administratie brieven heeft gevonden. Uit die brieven blijkt volgens Belanghebbende dat de Bank hem geen langere rentevaste periode dan 5 jaar heeft aangeboden.

De Geschillencommissie heeft, kort gezegd, het volgende overwogen.
De renteherzieningsformulieren kunnen partijen niet tot bewijs dienen omdat die betrekking hebben op een renteherziening per 1 december 2005 en op
die datum geen renteherziening heeft plaatsgevonden.

Screenshot

Het screenshot van haar administratie, dat de Bank heeft overgelegd, geldt als een uittreksel uit haar administratie. Het screenshot is niet ondertekend, zodat de Bank geen beroep kan doen op artikel 9 van de Algemene voorwaarden voor hypotheekstelling, maar wel op artikel 18 van de Algemene Bankvoorwaarden. Belanghebbende heeft geen tegenbewijs kunnen leveren, zodat het ervoor moet worden gehouden dat partijen een rentevaste
periode van 15 jaar zijn overeengekomen vanaf 1 juli 2006.

Boekenclausule

Wat betreft de vraag of de Bank haar verweer genoegzaam heeft toegelicht en heeft gestaafd met het verstrekken van de gegevens uit haar digitale registratiesysteem, neemt de Commissie van Beroep het volgende in aanmerking. De boekenclausule is een bewijsovereenkomst met betrekking tot de tussen een bank en de cliënt bestaande schuldpositie.
In beginsel hoeft de bank niet aan te tonen dat de administratie van de bank correct is. De bewijslast van de onjuistheid ligt op grond van de boekenclausule bij de cliënt.

Uittreksel

Aan een uittreksel kan niet de eis worden gesteld dat het inzicht biedt in de wijze van totstandkoming van de geregistreerde afspraken, daargelaten hoe dat inzicht zou moeten worden verstrekt. De weergave van de afspraken op het onderhavige uittreksel volstaat.

Zorgplicht

De vraag of uit de rechtsverhouding tussen partijen, met name uit de zorgplicht van de Bank, voortvloeit dat de Bank in dit geval toch de plicht heeft om onderliggende stukken over te leggen, indien de cliënt de juistheid van het uittreksel gemotiveerd betwist, behoeft in dit geval niet te worden beantwoord. Die plicht zou naar het oordeel van de Commissie van Beroep alleen kunnen worden aangenomen in het geval dat de Bank onderliggende
stukken tot haar beschikking heeft. Een ander oordeel zou geen recht doen aan de bewijskracht die partijen door aanvaarding van de boekenclausule aan de administratie van de Bank hebben gegeven.

Burgerlijk Wetboek

De Bank valt overigens geen rechtens relevant verwijt te maken van het feit dat zij de onderliggende stukken met betrekking tot de renteherziening niet (meer) tot haar beschikking heeft. Hoezeer het ook aanbeveling kan verdienen om dergelijke stukken, al dan niet gedigitaliseerd, te bewaren zo lang de rentevaste periode loopt, het ontbreken daarvan in de administratie van de Bank maakt niet dat de administratie niet voldoet aan de eis van artikel 2:10 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW). De administratie is immers op zodanige wijze ingericht dat daaruit de rechten en verplichtingen van de Bank jegens Belanghebbende kenbaar zijn.

Bewaarplicht

Het feit dat de Bank de onderliggende stukken met betrekking tot de renteherziening niet (meer) ter beschikking heeft, is evenmin in strijd met
haar verplichting uit hoofde van artikel 2:10 lid 3 BW om gegevensdragers te bewaren. De termijn waarbinnen die verplichting geldt, vangt aan, naar wordt aangenomen, op het moment van vervaardiging en duurt zeven jaren. De bewaartermijn was dus verstreken
toen Belanghebbende in 2015 de desbetreffende stukken opvroeg.

Beslissing(en)

De Commissie wijst de vordering van consument af.
De Commissie van Beroep handhaaft het bindend advies van de Geschillencommissie.

 

Bron: Kifid

Modules & dossiers

Opvoerdatum

07 feb 2018

Laatst gewijzigd

07 feb 2018

Reacties

Er zijn (nog) geen reacties op dit artikel

Reageren? Graag eerst inloggen.

Permanent Actueel met Fintool?

Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.
Lees verder

Fintool bv © 2003/2025. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.

1
1