Op dinsdag 13 maart heeft de eerste bijeenkomst van 2018 van het Platform Hypotheken plaatsgevonden. Bij dit overleg waren onder andere kredietverstrekkers, hypotheekadviseurs, consumentenorganisaties en de Rijksoverheid aanwezig.
Twee mogelijke varianten van stapsgewijs oversluiten zijn besproken: stapsgewijs oversluiten bij de eigen kredietverstrekker en stapsgewijs oversluiten naar een andere kredietverstrekker. Beide varianten werden door de partijen als onwenselijk bestempeld.
Een belangrijke reden voor de kritische houding van de partijen tijdens het Platform was de vrees dat het breed aanbieden van stapsgewijs oversluiten een negatief effect zal hebben op het aanbod van (lange) rentevastperiodes en de flexibele hypotheekvoorwaarden.
Het bestaan van een tweede hypotheekhouder kan nadelig zijn voor de eerste hypotheekhouder waardoor de eerste hypotheekhouder mogelijk niet de vereiste toestemming zal geven.
Een andere reden dat de aanwezigen zeer kritisch waren over stapsgewijs oversluiten, heeft te maken met de complexiteit die ontstaat wanneer een consument zijn lopende hypotheek stapsgewijs op deze manier wil oversluiten. De deelnemers wezen bijvoorbeeld op de complexiteit van het hebben van meerdere leningdelen (met hetzelfde onderpand) bij meerdere kredietverstrekkers met verschillende belangen en op de complexiteit die vervolgens ontstaat bij bijvoorbeeld beheersituaties en een tussentijdse verhuizing. De partijen aan tafel gaven aan dat deze complexiteit niet in het belang is van de consument.
Rentemiddeling houdt in dat de vergoeding niet in één keer hoeft te worden betaald, maar feitelijk wordt ‘uitgesmeerd’ over de nieuwe rentevastperiode. De vergoeding wordt dan verdisconteerd in de nieuwe rente door middel van een opslag. Op dit moment wordt gewerkt aan regelgeving om te regelen dat ook bij de berekening van de vergoeding bij rentemiddeling niet meer in rekening mag worden gebracht dan het financiële nadeel.
Bij een tussentijdse rentestijging zal de consument moeten besluiten of het stapsgewijs oversluiten wordt doorgezet. Indien verder oversluiten vanwege de gestegen rente niet meer voordelig is, kan een langdurige situatie ontstaan waarbij de klant half is overgesloten en te maken heeft met verschillende hypotheekaanbieders.
Zorgplicht
Daarnaast dienen kredietverstrekkers zich vanuit hun zorgplicht ervan te verzekeren dat de nieuwe hypotheekovereenkomst verantwoord is en passend is bij de persoonlijke situatie van de consument. Zowel de hypotheekvoorwaarden, het rentetarief en de persoonlijke situatie van de consument kunnen immers wijzigen in de 5 tot 10-jarige periode, wat ook grote gevolgen kan hebben voor het verwachte voordeel van het stapsgewijs oversluiten van de hypotheek voor de consument. In geval van bijvoorbeeld een spaarhypotheek zal moeten worden bezien of een lagere rente niet ten nadele van de consument werkt, omdat dit gevolgen kan hebben voor de rente die de consument ontvangt op het spaardeel en ook mogelijke ook fiscale effecten heeft.
"Gelet op bovenstaande vind ik het niet opportuun aanbieders op te roepen een dergelijk product breed aan te bieden.", aldus minister Hoekstra.
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99