Belanghebbende heeft in de aangifte in de IB/PVV voor het jaar 2009 geen opgaaf gedaan van de in 2009 betaalde hypotheekrente en kosten en in de jaren daarna evenmin. Eerst in de IB2015 aangifte worden de kosten uit 2009 opgevoerd als aftrekpost.
Niet in geschil is dat het in het jaar 2009 betaalde bedrag aan hypotheekrente en kosten is aan te merken als op de voordelen uit eigen woning drukkende aftrekbare kosten. Deze kosten komen ingevolge artikel 3.147, aanhef en onderdeel a, van de Wet IB 2001 voor aftrek in aanmerking in het 2009, het jaar waarin zij zijn betaald. Aftrek in een ander jaar dat dat waarin de kosten zijn gemaakt, staat de Wet IB 2001 niet toe. De in 2009 opgekomen ziekte van belanghebbende maakt dit niet anders.
De Wet IB 2001 geeft aan de Inspecteur evenmin die ruimte. Ook het op de voet van artikel 65 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) ontwikkelde beleid van ambtshalve te verlenen verminderingen van belastingaanslagen biedt geen soelaas, omdat het verzoek, zoals de Inspecteur heeft gesteld, buiten de vijfjaarstermijn is gedaan. Overigens zou een eventuele toepassing van dit beleid voor het jaar 2009 bij de beoordeling door het Hof van de aanslag voor het jaar 2015 niet kunnen leiden tot vermindering van die aanslag.
Artikel 63 van de AWR luidt: „Onze Minister is bevoegd voor bepaalde gevallen of groepen van gevallen tegemoet te komen aan onbillijkheden van overwegende aard, welke zich bij de toepassing van de belastingwet mochten voordoen.”. Voor zover belanghebbende een beroep doet op de hardheidsclausule geldt dat uit de duidelijke tekst van dit artikel blijkt dat het Hof niet bevoegd is de hardheidsclausule toe te passen.
Belastingplichtige wordt dan ook in het ongelijk gesteld. Aftrek van hypotheekrente van de eigen woning in een ander jaar dan dat de kosten zijn betaald, is niet mogelijk.
Bron: Rechtspraak.nl
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99