In artikel 1:20 van de Wft is bepaald op welke financiële diensten met betrekking tot krediet de Wft niet van toepassing is. Het verlenen van uitstel van betaling wordt niet in artikel 1:20 Wft genoemd. Het ligt echter voor de hand dat het verlenen van uitstel van betaling van vorderingen die voortvloeien uit kredietovereenkomsten als bedoeld in artikel 1:20 van de wet eveneens niet onder de Wft valt. Te denken valt aan een internetonderneming die een consument de mogelijkheid biedt om een achter-stallige betaling van een geldsom in termijnen af te lossen of een woningcoöperatie die een betalings-regeling treft met een huurder. Dit betekent dat wanneer in het normale handelsverkeer op enig moment een betalingsachterstand ontstaat, uitstel van betaling van de bestaande schuld kan worden verleend wanneer de consument niet in staat is aan zijn betalingsverplichtingen te voldoen. Daarom is vrijstelling geregeld van de vergunningplicht voor het aanbieden van krediet voor personen die kosteloos uitstel van betaling verlenen van een uit een overeenkomst inzake krediet als bedoeld in artikel 1:20 Wft voortvloeiende vordering omdat de consument zijn betalingsverplichting niet is nagekomen of niet kan nakomen.
Verder is vrijstelling geregeld van de vergunningplicht voor bemiddelaars (artikel 2:80 van de Wft) die een consument uitstel van betaling verlenen van een bestaande vordering tot betaling van een geldsom. De definitie van bemiddelen omvat ook het beheer en de uitvoering van overeenkomsten inzake een financieel product en het verlenen van assistentie daarbij. Dit betekent dat bij het bemiddelen in een krediet de gehele looptijd van de overeenkomst inzake het krediet onder de reikwijdte van de wet valt. Het incasseren van vorderingen en het treffen van een betalingsregeling voor vorderingen die voortvloeien uit een overeenkomst inzake krediet zijn derhalve activiteiten in het kader van het beheer en de uitvoering van de kredietovereenkomst. Er is vrijstelling geregeld voor bemiddelaars die kosteloos uitstel van betaling verlenen van een uit een kredietovereenkomst als bedoeld in artikel 1:20 Wft voortvloeiende verbintenis tot betaling van een geldsom. De bemiddelaar mag overigens voor het niet tijdig betalen de wettelijke rente dan wel de in de oorspronkelijke overeenkomst bedongen rente en/of een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten in rekening brengen bij de consument.
Voorts zijn ook bemiddelaars die bemiddelen in krediet, anders dan bedoeld in artikel 1:20 Wft, vrijgesteld van de vergunningplicht indien kosteloos uitstel van betaling wordt verleend. Dit betreft de kredietovereenkomsten waarop de Wft reeds van toepassing is. In die gevallen mogen geen andere kosten door de bemiddelaar in rekening mogen worden gebracht dan die zijn vermeld in de oorspron-kelijke kredietovereenkomst. Indien de bemiddelaar wel andere kosten in rekening brengt, dient de bemiddelaar een vergunning aan te vragen voor het bemiddelen in krediet op grond van artikel 2:80 van de wet. Bovendien valt een bemiddelaar onder de Wft indien de oorspronkelijke kredietovereen-komst wordt aangepast (door aanpassing van de kredietvoorwaarden).
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99