In uitspraak GC 2018-400 heeft de Geschillencommissie op 6 juli jl. geconcludeerd dat de bank haar vrijheid om de rente aan te passen niet heeft gebruikt op een wijze die naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. De bank hoeft geen rente terug te betalen. Tegen deze uitspraak is beroep opengesteld op verzoek van de consument en zijn vertegenwoordiger.
In uitspraak GC 2018-376 heeft de Geschillencommissie op 4 juli jl. geconcludeerd dat de consument mogelijk te veel rente heeft betaald. De bank moet over een periode van vier jaar het rentetarief herrekenen en eventueel te veel betaalde rente aan de consument vergoeden. Tegen deze uitspraak is beroep opengesteld op verzoek van de financiële dienstverlener. Vanwege het principiële karakter geldt voor dit beroep artikel 5.4 van het Reglement van de Commissie van Beroep. Dit artikel stelt onder meer dat de kosten voor rechtsbijstand, die de consument voor deze procedure moet maken, voor rekening komen van de financiële dienstverlener.
De Geschillencommissie van Kifid is in het bijzonder benieuwd naar het oordeel van de Commissie van Beroep over twee aspecten.
Op dit moment heeft Kifid enkele tientallen soortgelijke klachten in behandeling bij de Geschillencommissie. Zodra de laatste reactie van de financiële dienstverlener (dupliek) in deze klachten is ontvangen, zal deze klachtbehandeling worden aangehouden in afwachting van een oordeel van de Commissie van Beroep. De voorzitter Geschillencommissie heeft de Commissie van Beroep gevraagd om deze klachtzaken met voortvarendheid in behandeling te nemen. Of dit lukt, is mede afhankelijk van de medewerking van consumenten en financiële dienstverleners.
Bron: Kifid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99