MijnFintool

Nieuws

Opgave geldverstrekker onjuist

Een consument wenst rechten te ontlenen aan een eerdere mededeling van de geldverstrekker richting de notaris dat de geldlening was afgelost. De Bank heeft zich op het standpunt gesteld dat zij een fout heeft gemaakt, maar dat deze fout de Bank niet bindt.

Royement

De Commissie stelt vast dat de Bank in de brief waarin zij de volmacht tot royement van het hypotheekrecht gaf, heeft aangegeven dat de geldlening volledig was afgelost. In de kern is de vraag of Consument gerechtvaardigd vertrouwen mocht ontlenen aan die mededeling van de Bank aan de notaris.

BW

Om de onderhavige vraag te kunnen beantwoorden dient de Commissie bij de beoordeling uit te gaan van het in artikel 3:35 van het Burgerlijk Wetboek (‘BW’) bepaalde: “Tegen hem die eens anders verklaring of gedraging, overeenkomstig de zin die hij daaraan onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijze mocht toekennen, heeft opgevat als een door die ander tot hem gerichte verklaring van een bepaalde strekking, kan geen beroep worden gedaan op het ontbreken van een met deze verklaring overeenstemmende wil.”

De geciteerde wettekst houdt in dat de Bank gebonden is aan haar mededeling voor zover Consument er redelijkerwijs op mocht vertrouwen dat die mededeling de werkelijke bedoeling van de Bank weergaf.

De toepassing van artikel 3:35 BW brengt met zich dat van Consument mag worden verwacht dat zij onderzoek doet naar de ware bedoelingen van de Bank indien daarvoor in de gegeven omstandigheden aanleiding bestaat. Voor onderzoek zal aanleiding bestaan indien sprake is van omstandigheden die het minder waarschijnlijk maken dat de afgelegde verklaring in de door Consument begrepen zin bedoeld is. Rekening moet worden gehouden met alle omstandigheden van het geval, zoals de aard van de rechtshandeling, de bijzondere deskundigheid of ondeskundigheid van partijen, de mogelijkheid van nader onderzoek naar de wil van de declarant en de met de handeling verbonden voor- en nadelen voor de bij de handeling betrokken partijen.

Kennis aan zijde consument

In de gegeven omstandigheden oordeelt de Commissie dat Consument niet mocht vertrouwen op de juistheid van de verklaring van de Bank aan de notaris. Consument heeft erkend dat hij van het bestaan van de hypothecaire geldlening op de hoogte was. Naar het oordeel van de Commissie had hij aan de hand van bankafschriften, hypotheekjaaropgaven en de opgaven van de inkomstenbelasting bovendien kunnen en moeten weten dat er geen financieel product was afgesloten van waaruit de aflossing van de hypothecaire geldlening zou kunnen worden voldaan. De Commissie oordeelt dat Consument in die omstandigheden niet zonder meer mocht vertrouwen op de uiting van de Bank aan de notaris dat de geldlening was afgelost. Het had op weg van Consument gelegen navraag bij de Bank te doen hoe de hypothecaire geldlening was afgelost. Doordat Consument dit heeft nagelaten, komt hem geen beroep toe op de mededeling van de Bank. Daarbij dient in aanmerking genomen te worden dat Consument door de onjuiste mededeling geen financieel nadeel heeft ondervonden. Wel is de Commissie van oordeel dat de Bank in vervolg op het verstrekken van de royementsverklaring Consument direct had dienen te informeren over de nog openstaande geldlening

Beslissing

De Commissie wijst de vordering van Consument af.

 

Bron; Kifid

Modules & dossiers

Opvoerdatum

22 aug 2018

Laatst gewijzigd

22 aug 2018

Reacties

Er zijn (nog) geen reacties op dit artikel

Reageren? Graag eerst inloggen.

Permanent Actueel met Fintool?

Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.
Lees verder

Fintool bv © 2003/2025. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.

1
1