De Bank is er recent mee bekend geworden dat u bij akte van huwelijksvoorwaarden d.d. 4 juli 2013, derhalve kort nadat de Bank u had aangesproken onder de borgstelling, uw onverdeelde helft in de [woning] heeft overgedragen aan uw echtgenote, kennelijk met het doel het verhaal van de vordering van de Bank op deze registergoederen te bemoeilijken.
De hiervoor vermelde overdacht van uw onverdeelde helft in de [woning] aan uw echtgenote heeft onverplicht plaatsgevonden. De Bank is bovendien door die overdacht benadeeld. De onverdeelde helft van de [woning] die eerst van u [was], [is] nu immers niet meer beschikbaar voor het verhaal van de vordering van de Bank op u. U en uw echtgenote hadden bovendien wetenschap van die benadeling. U heeft uw aandeel in de registergoederen immers overgedragen aan uw echtgenote kort nadat de Bank u onder de borgstelling had aangesproken… De overdacht is derhalve vernietigbaar op grond van artikel 3:45 BW.
Hierbij vernietigt de Bank dan ook buitengerechtelijk de rechtshandeling die tot overdracht van de voorheen aan u toebehorende helft in de [ woning] heeft geleid. … Een vergelijkbare brief wordt gezonden aan uw echtgenote.”
Zoals reeds overwogen staat vast dat Abn Amro Bank is benadeeld door toedeling van de woning aan [gedaagde 2] en wordt het verweer, dat het saldo van bezittingen en schulden van [gedaagde 1] gelijk bleef, verworpen. Verder staat vast de huwelijksvoorwaarden zijn opgemaakt drie maanden nadat Abn Amro Bank [gedaagde 1] heeft aangesproken onder de borgstelling en vijf maanden na het faillissement van Gils c.s. Ten tijde van het opmaken van de huwelijksvoorwaarden was [gedaagde 1] er dus mee bekend dat zijn bedrijven failliet waren en dat hij hier in privé door Abn Amro Bank op was aangesproken. In de brief van 4 april 2013 van Abn Amro Bank staat vermeld dat Abn Amro Bank zich het recht voorbehoudt ‘alle ons conveniërende maatregelen te nemen, teneinde tot de incasso van onze vordering op u te geraken’. Met andere woorden, voor [gedaagde 1] – bij wie als (indirect) bestuurder en (indirect) enig aandeelhouder van Gils c.s. een zekere financiële kennis mag worden verondersteld – was op dat moment duidelijk dat er een gerede kans was dat Abn Amro Bank verhaal zou halen op zijn privé vermogen. Dat blijkt ook wel uit het feit dat [gedaagde 1] heeft verklaard dat de woning aan [gedaagde 2] werd toebedeeld om deze voor haar en de kinderen zeker te stellen. Uit dit samenstel van omstandigheden volgt dat [gedaagde 1] wist dat Abn Amro Bank zou worden benadeeld bij toedeling van de woning aan [gedaagde 2] , dan wel dat hij dit op zijn minst behoorde te weten.
De vordering (van geldverstrekker) tot vernietiging van de rechtshandeling, die tot overdracht van de voorheen aan [gedaagde 1] toebehorende helft in de woning aan [gedaagde 2] , heeft geleid, zal worden toegewezen.
Bron: Rechtspraak.nl
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99