MijnFintool

Nieuws

Rechtspraak saldolijfrentemethode

Een belastingplichtige heeft in het verleden de lijfrentepremies niet in aftrek genomen op zijn belastbaar inkomen. Een beroep op een goedkeuringsbesluit slaagt niet in hoger beroep.

Evenals voor de rechtbank is voor het Hof in geschil of het bedrag aan uitkeringen uit de lijfrentepolis ten onrechte door de inspecteur is belast. Het geschil spitst zich in hoger beroep toe op de vraag of de premies die belanghebbende in de jaren 1995 tot en met 2000 voor de lijfrentepolis heeft betaald, niet in mindering zijn gekomen op zijn onzuivere inkomen, hetgeen belanghebbende stelt en de inspecteur betwist.

Eigen verklaring

Ter zitting (rechtbank) heeft belastingplichtige verklaard dat hij de destijds betaalde premies bewust niet in zijn aangiften voor de jaren 1995 tot 2000 in aftrek op zijn inkomen heeft gebracht omdat hem dit, gelet op de reeds in aanmerking genomen aftrekposten, geen fiscaal voordeel zou opleveren.

Onredelijke uitkomsten

Het standpunt van belanghebbende, althans zo begrijpt het Hof, houdt in dat de wettelijke regeling tot een onredelijke uitkomst zou leiden indien de gehele uitkering in de belastingheffing wordt betrokken terwijl de premies nimmer in aftrek zijn gebracht. Het Hof overweegt dat de Staatssecretaris van Financiën een dergelijke uitkomst in bepaalde gevallen ook onwenselijk heeft geacht en dat hij daarom goedkeurend beleid heeft ontwikkeld. Dat beleid houdt kort gezegd in dat onder bepaalde voorwaarden bij de belastingheffing alsnog rekening wordt gehouden met de omstandigheid dat een belastingplichtige heeft verzuimd om betaalde premies in aftrek te brengen

Welk goedkeuringsbesluit?

Omdat niet in geschil is dat de premies voor de lijfrentepolis zijn betaald in de jaren 1995 tot en met 2000, dient te worden vastgesteld of het goedkeurend beleid van toepassing is zoals opgenomen in de resolutie van 29 juni 1990, DB 90/3579, o.a. gepubliceerd in BNB 1990/341 (hier: het besluit 1990), en niet, zoals de rechtbank kennelijk heeft aangenomen, het goedkeurend beleid in het besluit van 10 mei 2010, nr. DGB2010/3119M, Stcrt 2010, nr. 7589. Het beleidsbesluit uit 2010 is immers ingetrokken bij besluit van 13 juni 2012, nr. BLKB2012/283M, Stcrt 2012, nr. 12493, BNB 2012/285. Ook het door de inspecteur in zijn verweer in eerste aanleg genoemde besluit uit 2008 (zie onder 4.3) kan om die reden niet van toepassing zijn nu dat besluit was ingetrokken bij voormeld besluit uit 2010. Weliswaar bevat het besluit uit 2012, dat ook in het jaar 2013 nog geldend was, goedkeurend beleid in geval van verzuimde aftrek. Echter het Hof is van oordeel dat dit besluit, voor zover het ziet op verzuimde aftrek van premies, – evenals de besluiten uit 2008 en 2010 – betrekking heeft op premies die betaald zijn in de jaren vanaf 2001 en niet op voordien betaalde premies.

Grove schuld

In het besluit 1990 is goedgekeurd om met toepassing van de regels van ambtshalve vermindering alsnog aftrek van premies toe te staan in de jaren waarin die premies zijn betaald. Kan verzuimde aftrek niet op die wijze worden hersteld, dan is goedgekeurd om de premies aan te merken als premies die niet op het (onzuivere) inkomen in mindering konden worden gebracht. In dat geval is toegestaan om de lijfrentetermijnen slechts in de heffing te betrekken voor zover deze de premies overtreffen (zogenoemde verruiming van de saldomethode). Als voorwaarde voor toepassing van deze verruiming van de saldomethode geldt dat de belastingplichtige tegenover de inspecteur aannemelijk moet maken dat het niet aftrekken van de premies niet is te wijten aan opzet of grove schuld (met andere woorden dat er daadwerkelijk sprake was van verzuim en bijvoorbeeld niet van welbewust afzien van aftrek). Tevens is vereist dat de belastingplichtige aantoont dat de lijfrentepremies in het verleden niet in mindering op diens inkomen zijn gebracht.

Geen fiscaal voordeel

Ter zitting bij het Hof heeft belanghebbende bevestigd dat het niet aftrekken van de premies bij hem berust op de gedachte dat dan de uitkeringen ook onbelast zouden blijven. Naar het oordeel van het Hof betekent dit dat het niet aftrekken van de premies in de jaren 1995 – 2000 op een welbewuste keuze van belanghebbende berust. Het goedkeurend beleid is daarom op hem niet van toepassing, aangezien niet aan de daaraan gestelde voorwaarde is voldaan dat geen sprake mag zijn van een bewuste keuze.


Bron: Rechtspraak.nl

Modules & dossiers

Opvoerdatum

24 jan 2019

Laatst gewijzigd

24 jan 2019

Reacties

Er zijn (nog) geen reacties op dit artikel

Reageren? Graag eerst inloggen.

Permanent Actueel met Fintool?

Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.
Lees verder

Fintool bv © 2003/2025. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.

1
1