Dit effect bleek groter dan voorzien. Het Dagloonbesluit werknemersverzekeringen is daarom vanaf 1 december 2016 enkele malen2 zodanig gewijzigd dat dit tot een hoger dagloon voor de hiervoor bedoelde groepen WW-gerechtigden kan leiden. Daarnaast hebben degenen die geen of een lagere WW-uitkering hebben ontvangen dan zij zouden hebben ontvangen als het Dagloonbesluit werknemersverzekeringen zoals dat na voornoemde wijzigingen luidt reeds op 1 juli 2015 van kracht was geweest (hierna: huidig Dagloonbesluit), een eenmalige tegemoetkoming ontvangen. Het doel van de eenmalige tegemoetkoming was om het door het per 1 juli 2015 gewijzigde Dagloonbesluit geleden nadeel bij benadering te compenseren en het doel van de dagloonverhoging was om verder nadeel te voorkomen.
Het lagere WW-dagloon voor de hiervoor bedoelde groepen kan ook gevolgen hebben voor hun dagloon op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (hierna: WIA),4 te weten als dat ertoe heeft geleid dat geen of een lagere WW-uitkering is ontvangen in een periode die ligt binnen de referteperiode van het WIA-dagloon. In dat geval is het WIA-dagloon lager dan in het geval het huidige Dagloonbesluit zou zijn toegepast op de WW-uitkering. Een WW-uitkering telt namelijk mee bij de berekening van de hoogte van het WIA-dagloon. Met andere woorden, geen of een lagere WW-uitkering binnen de referteperiode leidt onder overigens gelijke omstandigheden tot een lager WIA-dagloon.
De hiervoor genoemde eenmalige tegemoetkoming kan daarentegen ook tot een hoger WIA-dagloon leiden op grond van het huidige Dagloonbesluit. Dat doet zich voor als deze tegemoetkoming is ontvangen binnen de referteperiode van het WIA-dagloon en (deels of geheel) betrekking heeft op een periode die ligt buiten de referteperiode van het WIA-dagloon. De eenmalige tegemoetkoming wordt namelijk ook meegeteld bij de berekening van het WIA-dagloon. Als deze tegemoetkoming echter betrekking heeft op een ‘te lage’ WW-uitkering die bijvoorbeeld is ontvangen voorafgaand aan de referteperiode van het WIA-dagloon, dan wordt die tegemoetkoming ten onrechte meegeteld bij de berekening van het WIA-dagloon. Immers, er is geen ‘te lage’ WW-uitkering ontvangen binnen de referteperiode van dat dagloon.
In de onderhavige regeling worden beide weeffouten gerepareerd. Dat betekent dat zoveel mogelijk verder nadeel of onterecht voordeel wordt voorkomen. Enerzijds wordt het WIA-dagloon hoger voor degenen die – door de wijziging van het Dagloonbesluit op 1 juli 2015 – geen of een lagere WW-uitkering hebben ontvangen binnen de referteperiode van het WIA-dagloon.
Anderzijds wordt het WIA-dagloon lager voor degenen die een eenmalige tegemoetkoming hebben ontvangen binnen de referteperiode van het WIA-dagloon en die (deels of geheel) betrekking heeft op een periode die ligt buiten de referteperiode van het WIA-dagloon.
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99