Het Nibud ziet koopkrachtverbeteringen van 0,2 tot 4,6 procent, waarbij de koopkracht voor de meeste mensen met 1 tot 2 procent stijgt. Vooral tweeverdieners met een middeninkomen en kinderen gaan er in 2020 op vooruit. Tussen werkenden en niet-werkenden is een duidelijk verschil zichtbaar.
Omdat de zelfstandigenaftrek wordt verlaagd, kunnen zelfstandigen in 2020 een minder hoog bedrag van de belasting aftrekken dan nu het geval is. Werknemers met een cao-loon kunnen volgend jaar een gemiddelde loonstijging van 2,5 procent verwachten. Om er vergeleken met werknemers niet in koopkracht op achteruit te gaan, zouden zelfstandigen hun inkomen eveneens met minstens 2,5 procent moeten verhogen. Een zzp’er die het inkomen met 2,5 procent weet te verhogen, gaat er 1 tot 3,4 procent op vooruit.
De stijging voor de middeninkomens met kinderen wordt vooral veroorzaakt door een verandering in het kindgebonden budget. Voor tweeoudergezinnen wordt dat nu nog afgebouwd bij een bruto-inkomen van 21.000 euro en die grens gaat omhoog naar 38.000 euro. Een stel met 3 kinderen en een gezamenlijk inkomen van 45.000 euro gaat er procentueel het meest op vooruit: hun koopkracht stijgt met 4,6 procent, wat neerkomt op een bedrag van 166 euro per maand. Middeninkomens zonder kinderen profiteren alleen van de gunstiger belastingtarieven en hogere heffingskortingen; zij gaan er rond de 2 procent op vooruit.
In de Koopkrachtberekenaar – de tool waarmee mensen eenvoudig kunnen nagaan wat er met de koopkracht van een vergelijkbaar huishouden gebeurt – zijn de nieuwste cijfers verwerkt.
Bron: Nibud
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99