De adviseur heeft tijdens de telefonische contacten het volgende aangegeven:
"Geadviseerd om even na te gaan of er een CAR-polis is bij de aannemer, of dat ze wellicht zelf een CAR moeten sluiten. In principe is er dekking, wat beperkingen l.v.m. verbouwing. De bedoeling is dat ze eind mei, gaan beginnen en dat dit in zomer klaar is."
en per e-mail is aangegeven:
"... en dat er wat betreft de opstalverzekering een beperkte dekking is tijdens de verbouwing."
Op 3 september 2018 heeft de sanering van het dakbeschot plaatsgevonden. De werkzaamheden zijn dezelfde dag om 18.00 uur afgerond. ’s Avonds is ten gevolge van neerslag forse waterschade in de woning van Consument ontstaan.
De Commissie overweegt dat uit de overgelegde telefoonnotitie van 23 april 2018 blijkt dat Tussenpersoon heeft geadviseerd aan Consument om na te gaan of de aannemer over een CAR-verzekering beschikt of dat Consument zelf een CAR-verzekering diende af te sluiten. Niet is gebleken dat Consument hieraan een vervolg heeft gegeven. De Commissie is van oordeel dat het – na het advies van Tussenpersoon op 23 april 2018 – op de weg van Consument had gelegen om terug te komen op de mogelijkheid van het afsluiten van een CAR-verzekering. Nu Consument dit niet heeft gedaan, mocht Tussenpersoon hieruit afleiden dat het afsluiten van een CAR-verzekering voor Consument niet meer aan de orde of gewenst was. De Commissie concludeert dan ook dat Tussenpersoon niet tekortgeschoten is in zijn verplichting jegens Consument.
Ten overvloede overweegt de Commissie dat een CAR-verzekering voor Consument geen soelaas zou hebben geboden. De beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar van Tussenpersoon heeft dit als volgt verwoord: Dan zal, als de aannemer geen verzekering had, de vraag beantwoord moeten of er een verzekering afgesloten had kunnen worden door [Consument] en zo ja onder welke voorwaarden en/of de schade voor vergoeding in aanmerking zou zijn gekomen.
Hieruit is gebleken dat het op zich mogelijk was voor Consument om een CAR-verzekering te sluiten, maar dat:
a. onder zo’n CAR-verzekering alleen verzekeringsdekking zou hebben bestaan als de schade het directe gevolg is geweest van de werkzaamheden zelf en dat sprake moet zijn geweest van een onzeker voorval;
b. zo’n CAR-verzekering, nu die (mede) zou worden gesloten in verband met het verbouwen/vervangen van een dak, een clausule zou bevatten, waarin, kort samengevat, is bepaald dat het dak na de dagelijkse werkzaamheden afgedekt dient te worden.
De Commissie volgt de beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar van Tussenpersoon in zijn stelling dat een CAR-verzekering geen dekking zou hebben geboden voor de ontstane waterschade bij Consument. De waterschade is immers niet het directe gevolg van de (bouw)werkzaamheden. De waterschade kon ontstaan doordat het dak na de werkzaamheden niet voldoende was afgedekt.
Bron: Kifid
Fintool: De adviseur had hier een adequate dossiervorming (telefoonnotitie/ e-mail) en juiste toelichting. Zeker bij een verbouwingshypotheek kan zorgplicht van een adviseur ver reiken. Immers, de adviseur is dan op de hoogte van de (ingrijpende) verbouwing.
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99