MijnFintool

Nieuws

Inroepen van een financieringsvoorbehoud geen taak voor adviseur

Het inroepen van een financieringsvoorbehoud behoort niet tot de taken van een hypotheekadviseur stelt Kifid.

Het behoort wel degelijk tot de zorgplicht van een hypotheekadviseur dat hij de gegeven termijn van het financieringsvoorbehoud bewaakt en Consument (tijdig) waarschuwt voor het verlopen van deze termijn.

Dossiervorming

Vast staat dat de hypotheekadviseur Consument in een e-mail van 5 maart 2019 op het verstrijken van de ontbindende voorwaarden gewezen heeft. De termijn verstreek echter al vijf dagen eerder, op 28 februari 2019. Volgens de Bank heeft de hypotheekadviseur tussen 17 januari 2019 en 5 maart 2019 telefonisch gewaarschuwd voor het verstrijken van deze termijn, maar Consument heeft dit betwist en de Bank heeft geen onderbouwing aangeleverd voor haar stelling. De Commissie houdt het er dan ook voor dat de hypotheek-adviseur voor het eerst op 5 maart 2019, en dus niet tijdig, gewaarschuwd heeft. Daarmee is de hypotheekadviseur tekortgeschoten in de uitvoering van zijn verplichtingen.

Tijdig en duidelijk

Consument heeft verder gesteld dat hij de e-mail van 5 maart 2019 niet goed begreep, en dat dit uit zijn reactie op te  maken is. De Bank heeft betwist dat zij moest inzien dat Consument de waarschuwing van de Adviseur niet begreep,  omdat dit nergens uit bleek. Het staat echter vast dat Consument de gegeven termijn voor het financieringsvoorbehoud  niet verschoven heeft. Hieruit leidt de Commissie af dat de waarschuwing van 5 maart 2019, mogelijk in relatie met  eerdere besprekingen over het financieringsvoorbehoud, kennelijk niet duidelijk genoeg was over het bespreken van de risico’s van het laten verstrijken van het financieringsvoorbehoud uit hoofde van de zorgplicht).

Beslissing

De Commissie is van oordeel dat de schade mede het gevolg is van omstandigheden die aan Consument kunnen worden toegerekend (artikel 6:101 van het Burgerlijk Wetboek). De koopovereenkomst met de bepaling over de ontbindende voorwaarden is immers door Consument voor akkoord ondertekend. En zoals de Bank tijdens de mondelinge behandeling benadrukt heeft, heeft Consument als ondernemer ervaring met het ondertekenen en begrijpen van contracten. Gelet op deze omstandigheden ziet de Commissie aanleiding om twee derde van de schade van € 4.500,- [vertragingsschade, hypotheek is nadien elders alsnog gepasseerd] voor vergoeding in aanmerking te laten komen, oftewel € 3.000,-.

 

Bron: Kifid

Modules & dossiers

Opvoerdatum

24 jan 2020

Laatst gewijzigd

24 jan 2020

Reacties

Er zijn (nog) geen reacties op dit artikel

Reageren? Graag eerst inloggen.

Permanent Actueel met Fintool?

Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.
Lees verder

Fintool bv © 2003/2025. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.

1
1