Fintool vormt een onafhankelijke en onmisbare bron van kennis. Laagdrempelig, volledig en praktisch. We bieden een uitstekende onderbouwing voor je adviespraktijk, hoe complex de casus ook is. Jij blijft de adviseur met ons als kennisborger op de achtergrond.
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99
Het ministerie zegt n.a.v. vragen over de tweejaarsperiode het volgende.
De tweejaarsperiode:
Door de formulering van artikel 3.111, tweede lid, van de Wet IB 2001 kan de tweejaarsperiode in zijn uitwerking langer zijn dan een periode van 24 maanden. De regeling ziet immers op de situatie dat de woning die in het kalenderjaar jaar 1 of in een van de daarop volgende twee jaren jaren 2 en 3 als eigen woning heeft gediend c.q. zal dienen. De verhuisregeling kan dus gedurende maximaal 36 maanden gelden. Al naar gelang de woning later in jaar 1 wordt verkregen loopt de termijn terug naar 24 maanden plus één dag. Het verschil tussen 24 en 36 maanden is het gevolg van de ruwe werking van de praktische invulling van de regeling. In een voorkomend geval kan in een bepaald jaar dus niet zijn voldaan aan de wettelijke termijn terwijl de periode toch minder is dan 36 maanden. Voor een verlenging van de termijn zie ik geen aanleiding. Als in jaar 1 aannemelijk is dat de woning pas in jaar 4 wordt opgeleverd, is in jaar 1 geen sprake van een eigen woning. Pas vanaf jaar 2 kan sprake zijn van een eigen woning. Verzoeken om toepassing van de hardheidsclausule om de termijn van artikel 3.111, tweede en derde lid, van de Wet IB 2001, te verlengen worden afgewezen.
Bij nieuwbouw mag de rente op deze wijze maximaal twee jaar na aanvang bouw worden verrekend. Mocht de bouw langer duren dan twee jaar schuift de termijn op. D.w.z. dat jaar één gecorrigeerd dient te worden en dan is de rente in jaar drie weer aftrekbaar.