Op 11 juli 2018 heeft Geldverstrekker I, vanwege de verkoop van Woning I, een definitieve aflosnota aan de notaris verstuurd. Hierin is, voor zover relevant, een boete voor vervroegde aflossing van € 5.670,00 opgenomen. De hypotheekakte is op 25 juli 2018 bij de notaris gepasseerd. Dit is tevens het moment dat Consumenten bekend werden (..) met de boete voor vervroegde aflossing. Dit bedrag is op de overwaarde van Woning I ingehouden.
De Adviseur heeft zich oa. als volgt verweerd tegen de stellingen van Consumenten:
• de Adviseur zou geen ander advies hebben gegeven, indien hij wel bekend was geweest met de boete voor vervroegde aflossing. Consumenten hadden namelijk als expliciete wens een dalende rente bij een dalende LTV. Deze optie wordt door Geldverstrekker I niet aangeboden en door Geldverstrekker II wel;
...
...
Consumenten hebben gesteld, hetgeen door de Adviseur overigens is erkend, dat de Adviseur een hypotheekadvies heeft uitgebracht zonder over het volledige dossier te beschikken dan wel dit te hebben bestudeerd. Hierdoor heeft de Adviseur Consumenten niet gewezen op de mogelijke boete voor vervroegde aflossing. De Commissie deelt de mening van Consumenten, dat het op de weg van de Adviseur ligt om ervoor zorg te dragen dat een dossier compleet is, zodat een gedegen advies kan worden uitgebracht.
Dat de Adviseur geen ander advies zou hebben uitgebracht indien hij wel bekend was met de boete voor vervroegde aflossing, doet naar het oordeel van de Commissie niets af aan het feit dat hij Consumenten de kans heeft ontnomen de keuze te maken.
Dit neemt echter niet weg dat Consumenten zelf ook de verplichting hebben om alle benodigde documenten aan te leveren, op basis waarvan de Adviseur het advies kan baseren. Daarbij komt dat ook voor de eerste adviseur, die bij de totstandkoming van de hypothecaire geldlening op naam van Consument II betrokken was, een rol is weggelegd om Consument II erop te wijzen dat hij een hypotheek met loyaliteitskorting heeft afgesloten, terwijl Consument II niet voornemens was lang in Woning I te wonen.
Concluderend oordeelt de Commissie dat de Adviseur een verwijt valt te maken wegens onvolledige advisering en daarom een deel van de in rekening gebrachte advieskosten dient terug te betalen. De Commissie bepaalt dit deel, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid op 50%, zijnde een bedrag van € 447,50, dat de Adviseur aan Consumenten dient te restitueren.
Bron: Kifid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99