MijnFintool

Nieuws

AOW-leeftijd en particuliere verzekeringen

Minister Koolmees stuurde een brief aan de Tweede Kamer over AOW-leeftijd en particuliere verzekeringen.

SEO-onderzoek

Uit het SEO-onderzoek blijkt dat er eind 2017 circa 73.300 verzekerde zelfstandigen waren met een verzekerde eindleeftijd van 65 jaar; bij hen sloot de eindleeftijd van hun polis dus niet aan op de verhoogde AOW-leeftijd en was sprake van een AOW-hiaat. Bij circa 8.100 van deze verzekerden loopt de uitkering al en zal deze stoppen op hun 65e verjaardag terwijl zij dan nog niet hersteld zijn.

Verlengingsaanbod

De verzekeraars hebben bijna iedereen die in aanmerking kwam, al voor ingang van de hogere AOW-leeftijd, een verlengingsaanbod gegeven. Personen die al arbeidsongeschikt waren of minder dan vijf jaar voor hun AOW-leeftijd zaten, hebben geen verlengingsaanbod gekregen. Onbekend is hoeveel verzekerden gebruik hebben gemaakt van het aanbod. De indruk bestaat dat het om een laag percentage gaat. Volgens verzekeraars hebben de meeste verzekerden het aanbod niet geaccepteerd omdat het te duur was of omdat ze kozen voor een andere oplossing. Uit het onderzoek kan geconcludeerd worden dat het AOW-hiaat bij de groep van 8.100 mensen die een AOV-uitkering ontvangen samenhangt met het feit dat het marktmechanisme rond de vrijwillige private verzekeringen niet leidt tot een volledig toegankelijke verzekeringsmarkt waardoor onverzekerbare en onverzekerde risico’s optreden.

Mogelijkheden

Welke mogelijkheden er zijn voor de groep van 8.100 AOV-verzekerden die als gevolg van het marktmechanisme onverzekerd zijn voor hun AOW-hiaat?

Allereerst is voor deze groep bezien in hoeverre zij een beroep zouden kunnen doen op de tijdelijke regeling Tijdelijke regeling Overbruggingsuitkering AOW (OBR) (deze loopt tot 1-1-2023). De OBR staat open voor personen die op of voor 1 januari 2013 reeds deelnamen aan een VUT- en prepensioenregeling of een vergelijkbare private AOV. Per 1 januari 2016 is de OBR ook opengesteld voor personen wiens VUT-/AOV-uitkering tussen 1 januari 2013 en 1 juli 2015 is aangevangen. De OBR-uitkeringsduur voor deze personen is gerelateerd aan de versnelde verhoging van de AOW-leeftijd, doch deze is door de temporisering van de AOW-leeftijd logischerwijs beperkt.

IOAZ/ IOAW /IOW

De IOAW en IOW bieden een aanvullende voorziening voor oudere werkloze en/of arbeidsongeschikte werknemers, na afloop van hun WW-duur. Onder de doelgroep vallen dus geen zelfstandigen. Voor zelfstandigen bestaat de IOAZ. Deze regeling geldt voor oudere gewezen zelfstandigen (van 55 jaar of ouder tot de AOW-leeftijd), die gedwongen worden hun bedrijf te beëindigen omdat ze hier duurzaam een te laag inkomen uit halen om van te leven. De IOAZ heeft tot doel inkomensondersteuning te bieden aan de gewezen zelfstandige, en indien daar sprake van is diens partner, tot het sociaal minimum. De IOAZ biedt soelaas voor de mensen die aan de uitkeringsvoorwaarden voldoen. Hierbij is allereerst van belang dat de IOAZ wordt aangevraagd vóórdat het bedrijf beëindigd wordt. Het recht op de IOAZ-uitkering ontstaat vervolgens niet eerder dan dat het bedrijf – binnen 19 maanden – beëindigd is. De persoon in kwestie moet daarnaast de afgelopen 10 jaar onafgebroken gewerkt hebben, waarvan de laatste 3 jaar als zelfstandige (minimaal 1.225 uur per jaar in het eigen bedrijf). Zelfstandigen die niet meer kunnen werken wegens volledige arbeidsongeschiktheid vallen niet onder de reikwijdte van de IOAZ. Slechts in uitzonderlijke gevallen komen gedeeltelijk arbeidsongeschikten in aanmerking voor een IOAZ-uitkering. Uitbreiding van de IOAZ voor de groep AOV-verzekerden met een AOW-hiaat die nu niet onder de IOAZ vallen, past niet bij de aard en het doel van de regeling. De IOAZ is geen arbeidsongeschiktheidsverzekering. Ook het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz) biedt geen soelaas.

Alternatieven

Zij kunnen wellicht het AOW-gat overbruggen door bijvoorbeeld hun aanvullend pensioen naar voren te halen. Ook is het wellicht mogelijk dat ze inkomen ontlenen uit hun eigen opgebouwde vermogen. Als er geen recht op de OBR bestaat, het aanvullend pensioen niet naar voren kan worden gehaald, er geen eigen inkomen, geen eigen vermogen en geen verdienende partner aanwezig is, kan er recht bestaan op een bijstandsuitkering.

 

Bron: Rijksoverheid

Modules & dossiers

Opvoerdatum

12 jun 2020

Laatst gewijzigd

12 jun 2020

Reacties

Er zijn (nog) geen reacties op dit artikel

Reageren? Graag eerst inloggen.

Permanent Actueel met Fintool?

Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.
Lees verder

Fintool bv © 2003/2025. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.

1
1