Pensioenfondsen moeten een herstelplan opstellen en indienen bij de toezichthouder als ze een lagere beleidsdekkingsgraad hebben dan de op basis van hun risicoprofiel bepaalde vereiste dekkingsgraad (het zogenoemde vereiste eigen vermogen). In dat plan geven ze aan hoe ze verwachten binnen een periode van normaliter tien jaar uit hun tekort te komen. Ze laten in het herstelplan zien wat de invloed is van de premie, indexatie en beleggingsrendementen op het herstel. Als uiterste stap kunnen fondsen een kortingsmaatregel in het herstelplan opnemen. Separaat van de herstelplansystematiek wordt jaarlijks getoetst of een pensioenfonds beschikt over het minimaal vereiste vermogen.
Veel pensioenfondsen dienen reeds vanaf 2015 een herstelplan in. In die eerdere plannen werd ook steeds uitgegaan van rendement als belangrijkste bron van herstel. Figuur 1 laat zien wat het verwachte beloop was van het herstel volgens de plannen van de pensioenfondsen in 2015 en wat werd gerealiseerd. Het gerealiseerde herstel blijft flink achter bij het verwachte herstel. Waar in de herstelplannen 2015 werd uitgegaan van 19 %-punt stijging van de dekkingsgraad tot 2020, werd slechts 1 %-punt stijging gerealiseerd. Belangrijkste oorzaak is de rentedaling gedurende deze jaren, waardoor gerealiseerde rendementen vrijwel geheel nodig bleken om de gestegen waarde van de aanspraken te compenseren. Het rendement dat hierna over was voor herstel van de dekkingsgraad, het overrendement, bleek zeer beperkt.
Bron: DNB
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99