Het wetsvoorstel wijzigt de Wet op het financieel toezicht (Wft). Met het wetsvoorstel wordt onder meer een nieuw goedkeuringsvereiste geregeld voor (gemengde) financiële holdings die moederonderneming zijn van groepen met banken en beleggingsondernemingen waarop geconsolideerd toezicht wordt gehouden.6 Voorts wordt een nieuwe verplichting tot aanwijzing van een intermediaire EU-moederonderneming geregeld voor groepen met een moederonderneming met zetel in een derde land en die in de EU actief zijn met twee of meer banken of beleggingsondernemingen in de zin van de richtlijn kapitaalvereisten.7 Ook worden onder meer wijzigingen voorgesteld die verband houden met de verdergaande harmonisatie van het microprudentiële toezicht op banken en beleggingsondernemingen, in het bijzonder van het toezicht- en evaluatieproces (‘Supervisory Review and Evalution Process’) en de instellingsspecifieke Pijler 2-kapitaalvereisten.
Het CRD-V/CRR-II-pakket is opgesteld om de risico’s in de bankensector verder terug te dringen, en past in de bredere context van de verdere voltooiing van de bankenunie en de risicoreducerende maatregelen die daarvoor nodig zijn. De wijzigingen betreffen onder meer een herziening van de kapitaalvereisten voor banken en beleggingsondernemingen. Kapitaalvereisten hebben tot doel het niveau van voldoende kapitaal vast te stellen dat banken en beleggingsondernemingen moeten aanhouden om onverwachte verliezen op te vangen en daarmee de kans op insolvabiliteit te verkleinen. Als banken en beleggingsondernemingen beter gekapitaliseerd zijn, vergroot dat ook de stabiliteit van het financiële systeem.
De leverage ratio is een bindende risico-ongewogen (pijler 1) minimum kapitaaleis van 3% waar banken en beleggingsondernemingen per 28 juni 2021 aan moeten voldoen.
De NSFR is een tweede geharmoniseerde Europese minimum liquiditeitseis (naast de reeds bestaande Liquidity Coverage Ratio (LCR)). De NSFR stelt eisen aan de mate waarin banken hun (veelal langlopende) verplichtingen op een stabiele manier over de horizon van één jaar dienen te financieren en beperkt daarmee de afhankelijkheid van minder stabiele kortlopende financiering.
De TLAC is de totale verliesabsorberende capaciteit die mondiaal systeemrelevante banken en beleggingsondernemingen moeten aanhouden zodat ze meer verlies kunnen absorberen en herkapitalisatiecapaciteit hebben. Dit versterkt het vermogen om in de EU problemen bij banken en beleggingsondernemingen op te lossen en het risico voor belastingbetalers zo klein mogelijk te maken.
De herziening van de kapitaalstandaard voor marktrisico, aangeduid als FRTB, wordt in de wijzigingsverordening ingevoerd als rapportage-eis.
De richtlijn kapitaalvereisten schrijft regels voor over de beloning van medewerkers van banken en beleggingsondernemingen die het risicoprofiel van de instelling wezenlijk kunnen beïnvloeden (hierna: ‘identified staff’). Het beloningsbeleid moet onder meer bijdragen aan een degelijk en doeltreffend risicobeheer en mag niet aanmoedigen tot het nemen van onaanvaardbare risico’s en moet stroken met de langetermijnbelangen van de instelling. Bij de implementatie van de beloningsregels uit de richtlijn is het algemene uitgangspunt gevolgd dat niet verder zou worden gegaan dan noodzakelijk voor correcte implementatie.
Hierbij werden in het verleden gemaakte nationale keuzes gerespecteerd. Hiervan is op enkele onderdelen afgeweken. De beloningsbepalingen in de Wft zijn in beginsel van toepassing op alle medewerkers van alle financiële ondernemingen, in plaats van alleen op ‘identified staff’ van banken en beleggingsondernemingen. Daarnaast is het bonusplafond verlaagd tot 20% van het vaste jaarsalaris, in plaats van 100% of 200% na toestemming van aandeelhouders. Het overige deel is, conform het uitgangspunt van de implementatie van de richtlijn kapitaalvereisten, beleidsneutraal geïmplementeerd in de Regeling beheerst beloningsbeleid Wft 2017 van DNB (Rbb DNB).
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99