Dit volgt uit Europese en nationale wet- en regelgeving rond kredietverlening en de rechten van consumenten en de zorgplicht die kredietverstrekkers hebben. Uit intensief overleg met kredietverstrekkers is vervolgens naar voren gekomen dat commerciële kredietverstrekkers naar verwachting niet in staat zullen zijn een gebouwgebonden duurzaamheidslening aan te bieden die voldoende aantrekkelijk is ten opzichte van bestaande financieringsopties. Dit komt doordat de overdraagbaarheid van het product zorgt voor een complexer product, hogere ontwikkel- en operationele kosten, een hoger renterisico en duurdere funding met zich mee brengt.
Overdraagbaarheid zorgt tevens voor een hoog renterisico en duurdere funding. Dit vertaalt zich in een product met een hogere rente. In combinatie met het feit dat gebouwgebonden financiering niet fiscaal gefaciliteerd zal worden, maakt dit dat het product onvoldoende aantrekkelijk zal zijn voor consumenten in vergelijking met bijvoorbeeld de hypotheek.
Ik (K.H. Ollongren) ben daarom tot de conclusie gekomen dat de verdere ontwikkeling en aanbieding van de gebouwgebonden financiering (vooralsnog) in het publieke domein moet plaatsvinden. Ik heb het Nationaal Warmtefonds daarom gevraagd te bezien onder welke voorwaarden zij gebouwgebonden financiering kunnen ontwikkelen en aanbieden.
Daarnaast wordt onder regie van de provincie Utrecht en samenwerkende gemeenten in de regio Eemland, met steun van mijn ministerie, gewerkt aan een zogenoemde ‘gebouwgebonden verduurzamingsdienst’. De gemeente Amersfoort is recent gestart met een aanbestedingsprocedure zodat een dergelijke dienst in eerste pilot aan woningeigenaren aangeboden kan worden.
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99