De afkoop van de canon kan, indien deze goederenrechtelijk (bij in de openbare registers ingeschreven notariële akte) plaatsvindt, worden aangemerkt als wijziging van het recht van erfpacht. In dat geval wordt normaliter overdrachtsbelasting geheven over het verschil in waarde van het recht van erfpacht vóór en na de afkoop. Aangezien het hier gaat om een recht van erfpacht dat betrekking heeft op een woning en de belastingplichtigen natuurlijke personen zijn die de woning anders dan tijdelijk als hoofdverblijf gebruiken, voldoen aan het leeftijdscriterium en niet eerder een beroep op de vrijstelling hebben gedaan, kan de startersvrijstelling van toepassing zijn. Uiteraard moet ook voldaan zijn aan de overige voorwaarden voor toepassing van de vrijstelling, zoals de ondertekening van de daarvoor bestemde verklaring voorafgaand aan de afkoop en (vanaf 1 april 2021) de woningwaardegrens.
Het eerder opgenomen vereiste van een verklaring onmiddellijk voorafgaand aan de verkrijging bleek niet nodig om te bepalen of een verkrijger in aanmerking komt voor de startersvrijstelling of het verlaagde tarief. De verkrijger moet immers de woning na de verkrijging ook daadwerkelijk als hoofdverblijf gebruiken. Ook voor de notariële praktijk is het minder belastend als de verklaring niet onmiddellijk voorafgaand hoeft te worden ondertekend, maar dit ook op een eerder moment mag gebeuren. Daarbij dient nog te worden opgemerkt dat in artikel 15, onderdeel p, onder 2, van de Wet op belastingen van rechtsverkeer per abuis het woord “onmiddellijk” is blijven staan. Deze omissie zal in een eerstvolgende verzamelwet worden hersteld. Vooruitlopend op dit herstel mag ook voor de voorwaarde in “onmiddellijk voorafgaand aan de verkrijging” in artikel 15, eerste lid, onderdeel p, onder 2 worden uitgelegd als “voorafgaand aan de verkrijging”. Ook voor dit subonderdeel geldt daarmee dat de verklaring niet onmiddellijk voorafgaand aan de transactie door de verkrijger hoeft te worden afgegeven.
De differentiatie van de overdrachtsbelasting leidt per saldo tot hogere belastingopbrengsten, omdat de opbrengst van de beperking van het verlaagde overdrachtsbelastingtarief van 2% en de verhoging van het standaard tarief van 7% naar 8% meer op gaat brengen dan dat de startersvrijstelling gaat kosten. Ook langs deze weg wordt de woningmarkt dus minder fiscaal gestimuleerd.
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99