De drie Europese toezichthoudende autoriteiten (EBA, EIOPA en ESMA/ETA's) publiceerden op 25 februari 2021 een gezamenlijke verklaring over een consistente toepassing van het nationale toezicht op de SFDR.
In de verklaring adviseren de drie ETA’s om in de tussenperiode tussen de toepassing van SFDR en de toepassing van de regulerende technische standaarden (RTS) op een latere datum (waarschijnlijk 1 januari 2022) de concept-RTS als referentie te gebruiken.
De AFM vindt het belangrijk dat er een gezamenlijke Europese lijn gevolgd wordt en onderschrijft deze verklaring.
Financiëlemarktdeelnemers en financieel adviseurs zijn vanaf 10 maart 2021 verplicht om de meeste SFDR vereisten over duurzaamheidstransparantie toe te passen.
De SFDR schrijft transparantieregels voor over duurzaamheid door financiëlemarktdeelnemers en financieel adviseurs.
Onder financiëlemarktdeelnemers worden onder meer verstaan banken, beleggingsondernemingen, pensioenfondsen, vermogensbeheerders, en levensverzekeraars (voor zover zij verzekeringsgerelateerde beleggingsproducten aanbieden).
De SFDR is ook van toepassing op financieel adviseurs met drie of meer werknemers, die beleggingsadvies of advies met betrekking tot verzekeringsgerelateerde beleggingsproducten verstrekken.
Financiëlemarktdeelnemers moeten transparant zijn over:
Financieel adviseurs moeten transparant zijn over:
De SFDR verplicht financiëlemarktdeelnemers een verklaring op hun website te plaatsen waaruit is op te maken of zij de negatieve duurzaamheidsimpact van hun beleggingen meewegen. Als dat het geval is, moeten zij ook duidelijk maken hoe het due diligence beleid daarop is afgestemd. Daarbij mag rekening worden gehouden met de omvang, aard en complexiteit van de activiteiten en producten.
Financiëlemarktdeelnemers worden door de SFDR verplicht de belangrijkste ongunstige effecten van beleggingsbeslissingen te meten aan de hand van een reeks aan duurzaamheidsfactoren en zullen hierover aan klanten moeten communiceren. In eerste instantie zullen de ongunstige effecten transparant moeten worden gemaakt op het niveau van de onderneming, maar in een later stadium ook op het niveau van individuele duurzame financiële producten.
Als marktpartijen de negatieve duurzaamheidsimpact niet meewegen, moeten zij daar in een verklaring op hun website verantwoording over afleggen op door de SFDR voorgeschreven wijze. In dat geval dient de financiëlemarktdeelnemer tevens aan te geven of en wanneer men voornemens is de ongunstige effecten wel in aanmerking te nemen. Een dergelijke negatieve verklaring is alleen toegestaan voor marktpartijen met minder dan 500 werknemers.
Ook voor financieel adviseurs geldt dat zij informatie op hun website moeten publiceren over de vraag of zij in hun beleggings- of verzekeringsadvies de belangrijkste ongunstige duurzaamheidsfactoren in aanmerking nemen. Indien dit (nog) niet aanmerking genomen wordt, dient ook de financieel adviseur aan te geven of en wanneer deze hiertoe wel voornemens is.
Financiëlemarktdeelnemers en financieel adviseurs moeten daarnaast op hun website informatie publiceren over de gedragslijnen inzake de integratie van duurzaamheidsrisico’s in hun beleggingsbeslissingsprocedure.
Ook moeten zij in hun beloningsbeleid informatie opnemen over de wijze waarop het beleid spoort met de integratie van duurzaamheidsrisico’s. Ook deze informatie moet terug te vinden zijn op de websites van de ondernemingen.
Elke financiëlemarktdeelnemer zal in de precontractuele informatie een beschrijving moeten geven van:
De SFDR verplicht financiëlemarktdeelnemers om in precontractuele informatie, in productinformatie op de website, en op periodieke basis transparant te zijn over de duurzaamheidskenmerken en –doelstellingen van hun financiële producten.
De precieze transparantieverplichtingen volgend uit de SFDR zijn afhankelijk van de categorisering van het type product. De SFDR maakt onderscheid tussen 1) financiële producten die ecologische of sociale kenmerken promoten en 2) financiële producten die duurzame beleggingen ten doel hebben. Een derde categorie zijn de financiële producten die niet als duurzaam worden gepromoot.
Dit betekent niet dat elk product met, bijvoorbeeld, duurzame kenmerken dezelfde mate van duurzaamheid kent. Wel betekent dit dat men bij elk product dat in de markt is gezet als duurzaam, in welke mate dan ook, transparant moet zijn over hoe invulling wordt gegeven aan de duurzaamheidskenmerken.
De doelen of kenmerken van duurzame financiële producten zijn bepalend voor de karakteristieken van een product en daarmee belangrijk bij de beoordeling of producten passen bij de voorkeuren en verwachtingen van klanten. Een gevolg van het formuleren van een duurzaam doel of kenmerk is dat marktpartijen zich hier (achteraf) ook periodiek over zullen moeten verantwoorden: doet het product wat wordt beloofd? Deze verantwoording moet worden opgenomen in de aangewezen reguliere periodieke verslagen.
De SFDR zal per 10 maart 2021 van toepassing zijn. De Europese Commissie heeft in oktober 2020 bekend gemaakt dat de implementatie van zogeheten technische standaarden (Regulatory Technical Standards – RTS) die een uitwerking zijn van de bepalingen in de SFDR, pas op een later moment in werking treden.
Dit heeft als gevolg dat nog niet voor alle vereisten van de SFDR juridisch bindend voorgeschreven is hoe deze moeten worden ingevuld. Hierover heeft de Europese Commissie in een brief aan de Europese toezichthouders aangegeven dat zij wel verwacht dat de financiële sector in ieder geval op hoofdlijnen voldoet aan de vereisten in de SFDR per de ingangsdatum van 10 maart 2021. De voorgestelde datum van inwerkingtreding van de technische standaarden is 1 januari 2022.
Marktpartijen dienen op 10 maart 2021 derhalve op hoofdlijnen te voldoen aan de vereisten die voortkomen uit de SFDR. De AFM verwacht tevens van marktpartijen dat zij aan de slag gaan met de noodzakelijke voorbereidingen voor het voldoen aan de SFDR RTS. De concept RTS, zoals gepubliceerd op 4 februari 2021, kunnen als basis worden gebruikt voor de voorbereidingen in de aanloop naar de ingangsdatum van deze technische standaarden per 1 januari 2022 (relevant voor SFDR artikelen 2a, 4, 8, 9 10 en 11 ). Dit is in lijn met het gezamenlijk statement van de Europese Toezichtautoriteiten over de toepassing van de SFDR in de periode tussen 10 maart 2021 en de ingangsdatum van de SFDR RTS.
Bron: AFM
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99