Er zijn drie hoofdvarianten uitgewerkt om de toepassing van leefvormen voor de AOW anders in te richten.
Individualisering van de AOW betekent dat aan iedere AOW-gerechtigde eenzelfde bedrag wordt uitgekeerd, ongeacht de leefvorm. Door de AOW te individualiseren en aan iedereen hetzelfde bedrag uit te keren is de AOW niet meer afhankelijk van de leefvorm.
Een geïndividualiseerde AOW zou een vergaande vereenvoudiging van het stelsel kunnen betekenen.
In deze variant geldt voor het vaststellen van de AOW-hoogte het huwelijk niet langer als uitgangspunt.
De AOW-hoogte wordt bepaald op grond van het aantal mensen dat op één adres woonachtig is. Als iemand alleen woont wordt de 70% AOW uitgekeerd, bij meer dan één persoon op één adres is de 50% norm van toepassing. De onderlinge relatie van de personen die op hetzelfde adres wonen is in deze variant niet van belang.
In deze variant wordt voor de bepaling van de AOW-hoogte aangesloten bij (het systeem van) het partnerbegrip dat in de fiscaliteit en de toeslagen wordt gehanteerd.
Door aan te sluiten bij het toeslagpartnerbegrip wordt in aanvulling op het kostenvoordeel dat het delen van een huishouden met zich meebrengt meer dan in het huidige systeem betekenis gegeven aan de onderlinge verbondenheid tussen mensen. Dit betekent in verschillende leefsituaties een wijziging van de AOW-hoogte. Deze verschuivingen zijn voor een deel in het voordeel en voor deel in het nadeel van de burger.
Belangrijk voordeel van het hanteren van het toeslagpartnerbegrip is dat gebruik wordt gemaakt van objectief vast te stellen criteria. Dit is een belangrijke vereenvoudiging voor de uitvoering.
Elk van deze varianten betekent een vereenvoudiging van de uitvoering van de AOW, omdat voor de vaststelling van de AOW-hoogte objectief vast te stellen criteria worden gehanteerd. Er is geen beoordeling van de feitelijke situatie door de SVB nodig die het noodzakelijk maakt om ‘achter de voordeur’ te kijken.
Alle onderzochte varianten kennen voor- en nadelen: er is dus geen ultieme oplossing.
Voor de individualisering geldt dat het huidige uitgangspunt van kostenvoordeel wordt verlaten.
Bij de adresvariant is het kostenvoordeel juist het uitgangspunt en is de relatie van de mensen onderling niet meer van belang. Door aan te sluiten bij het toeslagpartnerbegrip ontstaat er meer afstand met andere regelingen in het sociaal domein zoals de AIO.
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99