MijnFintool

Nieuws

Gevolgen wijziging overgangsrecht levensloopregelingen

Een werknemer heeft eerder met zijn werkgever afgesproken dat hij tot en met 31 december 2021 levensloopverlof zal opnemen. Heeft de wijziging van het overgangsrecht van artikel 39d Wet LB gevolgen voor deze afspraak?

Antwoord
Ja. De wijziging van het in artikel 39d Wet LB opgenomen overgangsrecht voor levensloopregelingen heeft gevolgen voor de tussen werkgever en werknemer gemaakte afspraak over het tot en met 31 december 2021 op te nemen levensloopverlof.

De waarde van de levensloopaanspraak moet uiterlijk op 31 oktober 2021 via de werkgever zijn opgenomen of omgezet in een aanspraak ingevolge een pensioenregeling. Indien op 1 november 2021 bij de uitvoerder nog een niet eerder belaste levensloopaanspraak aanwezig is, wordt de waarde van deze aanspraak op dat moment belast met loonheffing. Indien werkgever en werknemer eerder hebben afgesproken om de waarde van de levensloopaanspraak in te zetten voor na 31 oktober 2021 op te nemen verlof, betekent dit dat de uitkering over de maanden november en december uiterlijk op het fictieve genietingsmoment van 1 november 2021 wordt belast. Werknemers kunnen in overleg met hun werkgever aanvullend afspreken dat zij de periode november en december van het jaar 2021 onbetaald verlof opnemen. Met de uitbetaling van het restant van levenslooptegoed voor november en december op het fictieve genietingsmoment kunnen zij deze periode van onbetaald verlof overbruggen. Deze wijziging van de afspraken over het verlof kan gevolgen hebben voor de pensioenopbouw.

 

Vraag
Welke gevolgen heeft het op 1 november 2021 belasten van de resterende levensloopaanspraak voor de pensioenopbouw van werknemers die eerder met de werkgever afspraken hebben gemaakt om tot en met 31 december 2021 levensloopverlof op te nemen?

Antwoord
Perioden van verlof tellen in beginsel mee als pensioengevende diensttijd zolang de dienstbetrekking voortduurt. Dit vloeit voort uit artikel 10a, eerste lid, onderdeel a, van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965. Daarbij is de aard van het verlof (zoals ouderschapsverlof, levensloopverlof of sabbatsverlof) niet van belang.

Tijdens de behandeling van het wetsvoorstel Overige fiscale maatregelen 2021 in de Eerste Kamer is in de Nota naar aanleiding van het Verslag (kamerstukken 35573, nr. C) ten aanzien van het wijzigen van het heffingsmoment voor de levensloopregeling het volgende opgemerkt:

“Indien deelnemers met hun werkgever hebben afgesproken om het levenslooptegoed in te zetten door de tweede helft van 2021 verlof op te nemen, betekent dit dat de uitkering over de maanden november en december uiterlijk op het fictieve genietingsmoment wordt belast met loonheffing. Werknemers kunnen in overleg met hun werkgever aanvullend afspreken dat zij de periode november en december van het jaar 2021 onbetaald verlof opnemen. Met de uitbetaling van het restant van levenslooptegoed voor november en december op het fictieve genietingsmoment kunnen zij deze periode van onbetaald verlof overbruggen.”

De periode van onbetaald verlof over de maanden november en december 2021 kan in deze situatie in aanmerking worden genomen als pensioengevende diensttijd. Voor zover nodig kunnen werkgever en werknemer hierover aanvullende afspraken maken.

Bron: Belastingdienst

Modules & dossiers

Opvoerdatum

06 apr 2021

Laatst gewijzigd

06 apr 2021

Reacties

Er zijn (nog) geen reacties op dit artikel

Reageren? Graag eerst inloggen.

Permanent Actueel met Fintool?

Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.
Lees verder

Fintool bv © 2003/2025. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.

1
1