Op 1 januari 2019 bedroeg het totale vermogen van alle huishoudens in Nederland 1 669 miljard euro, opgebouwd uit 2.519 miljard euro aan bezittingen en 850 miljard aan schulden. Door een verbetering in de Vermogensstatistiek is het vermogen naar boven bijgesteld. Dat meldt het CBS op basis van herziene cijfers van de Vermogensstatistiek.
In 2019 hadden 444 duizend huishoudens een aanmerkelijk belang, van in totaal 368 miljard euro. De doorsnee waarde bedroeg 118 duizend euro. Zowel de waarde als het aantal huishoudens met een aanmerkelijk belang is de afgelopen jaren fors toegenomen.
Het aanmerkelijk belang is zeer sterk vertegenwoordigd in de hogere vermogensgroepen. In 2019 hadden de 10 procent meest vermogende huishoudens 96 procent van het totale aanmerkelijk belang in handen (352 miljard euro). De overige 90 procent van de huishoudens moesten het doen met de resterende 4 procent (16 miljard euro) aan aanmerkelijk belang.
De hypotheekschuld is met 84 procent de grootste schuldenpost van huishoudens. Ongeveer de helft van de huishoudens had in 2019 een hypotheekschuld, met een doorsnee waarde van 160 duizend euro. Ruim een derde van de huishoudens had overige schulden, zoals schulden voor consumptieve doeleinden, rood staan, belasting- en toeslagschulden. Dit soort schulden wordt sinds 2011 beter waargenomen.
Ruim 650 duizend huishoudens hadden in 2019 een belastingschuld van in totaal 3,5 miljard euro. De doorsnee waarde hiervan bedroeg 800 euro. Er waren meer huishoudens (840 duizend) met een toeslagschuld, maar de totale waarde hiervan is met 1,2 miljard euro een stuk kleiner. De doorsnee waarde van de toeslagschuld bedroeg 600 euro in 2019. Huishoudens met kinderen hadden het vaakst toeslagschulden.
Bron: CBS
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99