Hierdoor kon het gebeuren dat de verzekeraar de consument de mogelijkheid bood om de levensverzekering te beëindigen en de consument heeft dat gedaan.
De consument vindt dat de geldverstrekker haar zorgplicht geschonden heeft en aansprakelijk is voor het deel van de hypothecaire geldlening dat hierdoor niet afgelost wordt.
De verzekeraar heeft de verpanding van de levensverzekering aan de geldverstrekker echter administratief niet juist verwerkt: de verpanding is niet aangetekend op de verzekering. Hierdoor kon het gebeuren dat de levensverzekering in 2014 beëindigd werd. De verzekeraar heeft de consument in dat jaar de levensverzekering laten afkopen tegen uitbetaling van een bedrag. Op de Levenhypotheek is niets afgelost, zodat de hoofdsom nog steeds € 100.000,- bedraagt.
In 2019 heeft de geldverstrekker de verzekeraar aansprakelijk gesteld. De verzekeraar heeft hierop aan de geldverstrekker toegezegd € 19.988,13 af te lossen op de hypothecaire geldlening, omdat dit bedrag volgens de verzekeraar zou zijn opgebouwd als de levensverzekering niet voortijdig beëindigd zou zijn.
[Daarnaast heeft verzekeringnemer de afkoopwaarde ontvangen. De hypotheek is met de vergoeding door verzekeraar verlaagd.]
De commissie wijst de vordering van Consument af.
Bron: Kifid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99