MijnFintool

Nieuws

Dwangsom of meewerken aan verkoop voormalige echtelijke woning

Partijen waren in algehele gemeenschap van goederen gehuwd. De echtscheiding is bij beschikking van deze rechtbank van 10 juli 2019 uitgesproken. Die beschikking is op 9 augustus 2019 ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.

Bij de echtscheidingsbeschikking van 10 juli 2019 is, overeenkomstig het aan die beschikking gehechte en op 12 december 2018 door partijen ondertekende echtscheidingsconvenant (hierna: het Convenant), de (wijze van) verdeling van (o.a.) de Woning, de hypotheek en de kapitaalverzekeringspolis vastgesteld.

Gedaagde (achterblijvende partij, de vrouw) heeft aangegeven de woning op haar naam te willen zetten. Indien de vrouw de woning niet kan overnemen, zal de woning te koop worden gezet.

Dwangsom

De primaire vordering (van de man)wordt toegewezen, waarbij de gevorderde dwangsom wordt gemaximeerd tot 10% van de WOZ-waarde van de Woning per waardepeildatum van 1 januari 2020.

Niet gebleken is dat de door toewijzing van de primaire vordering getroffen belangen van [naam gedaagde- de vrouw] aanmerkelijk groter zijn dan de belangen van [naam eiser- de man] die met (de aanzet tot) het finaliseren van de verdeling worden gediend.

Onvoldoende inspanning, geen respijt

Dat [naam gedaagde] als gevolg van de voorgenomen verkoop van de Woning aan een derde moet uitkijken naar andere woonruimte met de twee kinderen van partijen, geldt niet als een doorslaggevend belang aan haar kant. Haar vertrek uit de Woning is immers een voor haar voorzienbaar gevolg van de tussen partijen gemaakte afspraken in het Convenant, waarop zij al geruime tijd heeft kunnen anticiperen. Dit geldt ook nu partijen op 16 maart 2020 nadere afspraken hebben gemaakt over de termijn waarbinnen [naam gedaagde] de overname moest hebben geregeld. Of het dan gaat om een termijn tot 1 september 2020 (zoals [naam eiser] beweert) of een langere termijn (zoals [naam gedaagde] beweert), inmiddels is het april 2021 en nog immer is niet gebleken dat de pogingen van [naam gedaagde] in een dermate stadium verkeren dat het effectueren van de toedeling van de Woning aan haar zonder meer zeker en op korte termijn aanstaande is.

[naam gedaagde] heeft bovendien nagelaten in dit kort geding financiële gegevens van haar partner met wie zij de Woning in eigendom wenst te verkrijgen, te overleggen. Op grond van de in deze procedure enkel door haar beschikbaar gestelde eigen financiële gegevens kan betwijfeld worden of zij (alleen) tot overname in staat is. In redelijkheid kan van [naam eiser] dan niet worden gevergd dat hij het gesprek dat [naam gedaagde] op 7 april 2021 met een hypotheekadviseur heeft gepland en waarvan de uitkomst ten tijde van de mondelinge behandeling nog niet zeker was, nog afwacht.

Afspraak is afspraak

Overeenkomstig het Convenant is nu aan de orde dat actief aangestuurd wordt op de verkoop van de Woning aan een derde. Dit geldt temeer nu partijen in artikel 3.5 van het Convenant hebben afgesproken dat “(…) de vrouw zo gauw dit convenant is ondertekend, alles in het werk zal stellen om de woning op haar naam te zetten.”. Het Convenant is ondertekend op 12 december 2018. Dat [naam gedaagde] in de geest van die afspraak heeft gehandeld is niet aannemelijk. Voor het uitblijven van eerdere serieuze actie van [naam gedaagde] kan niet als overtuigend excuus gelden de (gevolgen van de) Corona-pandemie en haar (al in het Convenant verdisconteerde) arbeidssituatie.

Belang kind

Gelet op de door [naam gedaagde] gestelde problematiek van [naam kind 2, minderjarig] ziet de voorzieningenrechter wel aanleiding om een termijn van twee weken na betekening te verbinden aan de veroordeling voor zover die ziet op het via een verkoopopdracht aan de makelaar in de daadwerkelijke verkoop zetten van de Woning.

Beslissing

De voorzieningenrechter veroordeelt [naam gedaagde, de vrouw] om aan [naam eiser, de man] een dwangsom te betalen van € 250,00 voor iedere dag of gedeelte daarvan dat zij niet aan de in 5.1 uitgesproken hoofdveroordeling voldoet (medewerking verkoop woning), tot een maximum van € 26.400,00 is bereikt.


Bron: Rechtspraak.nl

Modules & dossiers

Opvoerdatum

21 mei 2021

Laatst gewijzigd

21 mei 2021

Reacties

Er zijn (nog) geen reacties op dit artikel

Reageren? Graag eerst inloggen.

Permanent Actueel met Fintool?

Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.
Lees verder

Fintool bv © 2003/2025. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.

1
1