"...
Daarnaast worden de volgende externe kosten vergoed:
- de kosten van externe juridische deskundigen, zoals advocaten, die door of met instemming van de Stichting worden ingeschakeld.(…)
De externe kosten worden vergoed tot ten hoogste fl 100.000,-- (€ 50.000,--) per gebeurtenis.
(…)”.
In 2004 is de dekkingsomvang voor deze externe kosten verlaagd van € 50.000,-- naar € 30.000,--.
Eiser is in conflict gekomen met de gemeente S. en de provincie N. en heeft in dat kader in 2008 een beroep moeten doen op de rechtsbijstandverzekering. Verzekeraar heeft bij een bespreking in 2008 toegezegd dat een maximumbedrag van € 30.000,-- vergoed zou worden. Uit coulance overwegingen is daarnaast een bedrag van € 2.500,-- betaald. Het bedrag ad € 30.000,-- is betaald op de ingediende facturen van rechtsbijstand (in de periode 2008 tot ultimo 2011/begin 2012).
Het hof stelt voorop dat de overeenkomst tussen eiser als verzekeringnemer en R. als assurantietussenpersoon een overeenkomst van opdracht is waarop de artikelen 7:400 BW e.v. van toepassing zijn.
Een assurantietussenpersoon dient tegenover zijn opdrachtgever de zorg te betrachten die van een redelijk bekwaam en redelijk handelend beroepsgenoot mag worden verwacht. Het is zijn taak te waken voor de belangen van de verzekeringnemers bij de tot zijn portefeuille behorende verzekeringen. Tot deze taak behoort in beginsel ook dat - kort gezegd - de assurantietussenpersoon de verzekeringnemer tijdig opmerkzaam maakt op risico’s in verband met hem bekende en bekend geworden feiten voor de dekking van de tot zijn portefeuille behorende verzekeringen. Daarbij gaat het om feiten en omstandigheden die aan de assurantietussenpersoon bekend zijn of die hem redelijkerwijs bekend behoorden te zijn. Bij dit laatste geldt dat indien de tussenpersoon met betrekking tot een hem bekende omstandigheid die mogelijk tot een beroep op risicoverzwaring aanleiding kan geven, niet over voldoende gegevens beschikt of niet ervan mag uitgaan dat de gegevens waarover hij beschikt nog volledig en juist zijn, hij daarnaar bij zijn cliënt dient te informeren.
Ter zitting in hoger beroep heeft eiser desgevraagd verklaard dat bij het (over)sluiten van de rechtsbijstandverzekering in 2001 (en eerder) nooit gesproken is over de dekkingsomvang. Het hiervoor weergegeven bewijsaanbod is dan ook ter zitting ingetrokken. Dit betekent dat het hof ervan uitgaat dat bij de totstandkoming van de verzekeringsovereenkomsten niet verzocht is om een zo hoog mogelijke dekkingsomvang ter zake van advocaatkosten.
De assurantietussenpersoon heeft aangevoerd dat de dekkingsomvang van aanvankelijk € 50.000,-- en later € 30.000,-- een gangbare dekkingsomvang was en nog steeds is voor kosten van externe rechtsbijstand en gemotiveerd betwist dat de agrarische sector qua rechtsbijstand meer risico loopt en meer te maken heeft met wijzigende regelgeving dan andere sectoren.
Gelet op de feiten en omstandigheden is R. niet tekortgeschoten in haar zorgplicht als assurantietussenpersoon.
Bron: Rechtspraak.nl
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99