Door de relatief hoge hypotheekschulden en dalende huizenprijzen sinds 2007 stond in 2013 ruim 30 procent van alle huishoudens met een eigen woning ‘onder water’ (loan-to-value ratio boven 100 procent). In 2015 was dit iets gedaald naar 25 procent.
Uit onderzoek van De Nederlandsche Bank bleek dat in 2013 meer dan de helft van de huishoudens onder de 40 jaar onderwaarde had. De redenering was destijds [bij de invoering van de verhoogde schenking] dat die groep juist de schenkingsvrijstelling zou inzetten voor schuldaflossing en niet voor de aanschaf van een (duurdere) woning. Het kabinet verwachtte dat de verruiming van de schenkingsvrijstelling eigen woning vooral zou leiden tot een vermindering van de schuld en niet tot hogere huizenprijzen.
SEO heeft in de evaluatie geconcludeerd dat de schenkingsvrijstelling minder doeltreffend en doelmatig is dan ander beleid om de hypotheekschuld te verlagen en onderwaterproblematiek te beperken. Uit de evaluatie blijkt daarnaast dat een deel van de ontvangers de schenking gebruikt om een duurdere woning te kopen, maar dat het gebruik van de schenkingsvrijstelling te beperkt is voor een meetbaar effect op woningprijzen.
Ook blijkt uit de evaluatie dat een deel van de starters die een schenking ontvangt, een woning koopt die zij niet hadden kunnen kopen zonder de schenking. Door de structurele verruiming treden ze ook iets eerder toe op de woningmarkt. Het leeftijdsverschil ten tijde van de aankoop met starters die geen schenking ontvingen nam met twee maanden af. Dit kan wel ten koste gaan van andere starters die om dezelfde starterswoningen concurreren.
Gezien de demissionaire status van dit kabinet wordt nu niet besloten over eventuele aanpassing van de regeling. Het is aan een volgend kabinet om hierover te beslissen en het evaluatierapport van een kabinetsreactie te voorzien.
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99