Het grootste deel van de wijzigingen is niet inhoudelijk en heeft geen gevolgen. Waar het wetsvoorstel gevolgen heeft voor de verschillende doelgroepen, is dat in de algemene toelichting beschreven.
Klik hier voor de internetconsultatie.
De Algemene nabestaandenwet (hierna: Anw) voorziet erin dat de overgebleven ouder van eenminderjarig kind waarvan de andere ouder is overleden, recht heeft op een nabestaandenuitkeringindien het kind tot het huishouden behoort van de nabestaande ouder.
Wanneer minderjarige kinderen uit het huishouden vertrekken van hun nabestaande ouder en tot het huishouden van een ander gaan behoren, wordt de nabestaandenuitkering beëindigd op grond van artikel 16, eerste lid, onderdeel a, van de Anw. Indien het betreffende kind vervolgens weer deel gaat uitmaken van het huishouden van de nabestaande ouder is onduidelijk of de nabestaande het recht op de nabestaandenuitkering opnieuw aan kan vragen. In dergelijke gevallen is niet voorzien in herleving van de uitkering. In een vergelijkbaar geval, wanneer een kind van een overleden ouder op het moment van het overlijden behoorde tot het huishouden van een ander en enige tijd na het overlijden deel gaat uitmaken van het huishouden van de overgebleven ouder, is erin voorzien dat het recht op een nabestaandenuitkering ingaat op het moment dat het kind gaat behoren tot het huishouden van de overblijvende ouder (artikel 14, derde lid, Anw). Ook wordt in artikel 32b, eerste en tweede lid, van de Anw erin voorzien dat een nabestaandenuitkering nadat deze wegens vertrek van de nabestaande naar het buitenland is beëindigd, herleeft indien de nabestaande weer in Nederland woont en aan de overige voorwaarden voldoet.
Dit maakt het onlogisch dat er geen herleving geldt voor de beschreven situatie waarin een kind tijdelijk niet behoorde tot het huishouden van de nabestaande ouder. Het gaat erom dat vanaf het moment dat het minderjarige kind (weer) tot het huishouden van de nabestaande behoort, deze de (financiële) zorg van de overgebleven ouder kan ontvangen. Daarom wordt in artikel 16, derde lid, van de Anw voor deze situatie een herlevingsbepaling opgenomen, zodat expliciet is geregeld dat de nabestaandenuitkering herleeft bij terugkeer van de kinderen in het huishouden van de nabestaande ouder.
De financiële gevolgen zijn verwaarloosbaar.
Woningbezitters (paragraaf 2.11.3, pagina 10 e.v.)
...
Het doel is de compensatie voor woonkosten bij woningbezitters weer in lijn te brengen met het recht op huurtoeslag dat reeds in de berekening van de beslagvrije voet is verdisconteerd. Hiermee wordt de ontstane benadeling van woningbezitters ten opzichte van woninghuurders teniet gedaan, zodat de bepaling weer voldoet aan het uitgangspunt dat de wetgever bij de inwerkingtreding voor ogen had. Voor het overige blijft de berekening van de beslagvrije voet gelijk.
...
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99